Ontslag nemen: de algemene regels
Als je gebonden bent door een arbeidsovereenkomst voor een onbepaalde tijd, kan je die beëindigen mits opzegging. Als je die regel niet volgt, kan je werkgever je een beëindigingsvergoeding doen betalen. Dit bedrag is gelijk aan je brutoloon voor dat deel van de opzeggingstermijn dat je niet hebt gewerkt.
Soms zijn de gewone opzeggingsregels niet aan je persoonlijke situatie aangepast. Je kan bijvoorbeeld je baan opgeven omdat je ander werk hebt gevonden, of omdat je een geschil hebt met je werkgever. Dikwijls is dan een beëindiging met wederzijdse toestemming mogelijk: de werkgever heeft er net als jij geen enkel belang bij een arbeidsrelatie waarvan je niet meer wil weten, nog langer in stand te houden. Wij raden je aan voor deze vorm van ontslag te kiezen, veeleer dan je werkgever voor een voldongen feit te plaatsen.
Ontslagname met opzegging
De opzeggingstermijn is de periode waarin de werkgever ervan op de hoogte is gebracht dat de overeenkomst beëindigd zal worden, maar waarin de overeenkomst voorlopig gewoon van kracht blijft.
Om geldig te zijn, moet de kennisgeving van de opzegging op één van volgende manieren gebeuren:
* bij een per post aangetekende brief die uitwerking heeft de derde werkdag na de datum van verzending;
* bij een brief die rechtstreeks wordt afgegeven aan de werkgever (of een persoon die de bevoegdheid heeft zulke brieven in naam van de werkgever in ontvangst te nemen), tegen ontvangstbewijs;
* bij deurwaardersexploot (deze manier wordt uiteraard maar heel zelden gebruikt).
De opzegging moet aanvang en duur van de opzeggingstermijn vermelden.
De datum waarop de opzeggingstermijn mag ingaan, evenals de maximale duur zijn bij wet vastgelegd. De termijn verschilt naargelang je arbeider of bediende bent en komt in feite overeen met de helft van de termijn bij opzegging door de werkgever.
Tijdens de opzeggingstermijn loopt de arbeidsovereenkomst gewoon door. Er wordt verwacht dat je het werk gewoon verder doet. De werkgever moet je onder de normale voorwaarden laten verder werken, en hij moet je uiteraard je normale loon uitbetalen. Als je ziek wordt of vakantie wil nemen, worden ook de normale formaliteiten en voorwaarden toegepast. Bij ontslagname wordt de opzeggingstermijn niet geschorst bij schorsing van de arbeidsovereenkomst, bijvoorbeeld als je ziek bent of vakantie neemt. Dat is wel het geval wanneer het ontslag uitgaat van de werkgever.
Tijdens de opzeggingstermijn heb je recht op één volledige of twee halve dagen om een nieuwe baan te zoeken. Volgens de rechtspraak kan dit soort verlof niet worden opgenomen als je al een arbeidsovereenkomst hebt getekend bij een andere werkgever.
Opzeggingstermijn voor arbeiders
De opzeggingsregeling voor arbeiders is volop aan het wijzigen. Op dit moment hangt de duur van de opzeggingstermijn grotendeels af van regelingen of collectieve overeenkomsten eigen aan de sector. Om die sectorale regels te kennen, neem je best contact op met je beroepscentrale of ACV-dienstencentrum.
De arbeidsovereenkomstenwet voorziet in een opzeggingstermijn van 2 weken. Voor arbeiders die ten minste 20 jaar anciënniteit hebben, bedraagt de opzeggingstermijn 4 weken. Tijdens de eerste zes maanden anciënniteit kan de opzeggingstermijn worden ingekort tot 3 dagen. Dat moet wel expliciet worden vermeld in de arbeidsovereenkomst.
In het kader van het laatste interprofessioneel akkoord heeft een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in de Nationale Arbeidsraad de opzeggingstermijnen verlengd. Sinds 1 juli 2002 moeten de sectoren volgende minimumopzeggingstermijnen naleven:
Anciënniteit van de werknemer
Aantal kalenderdagen
Minder dan 6 maanden Geen wijziging
6 maanden, minder dan 5 jaar 17
5 jaar, minder dan 10 jaar 21
10 jaar, minder dan 15 jaar 28
15 tot 20 jaar 42
Meer dan 20 jaar 56
De opzeggingstermijn voor arbeiders neemt altijd aanvang de maandag die volgt op de betekening van de ontslagneming (zie hoger).
Opzeggingstermijn voor bedienden
De termijn bij ontslagneming voor bedienden bedraagt in principe de helft van de termijn bij opzegging door de werkgever. De opzeggingstermijn van bedienden is dus 1,5 maand + 1,5 maand per schijf van 5 jaar anciënniteit. Als het loon van de bediende een bepaald bedrag overschrijdt (ongeveer 25.000 euro bruto per jaar), dan kan de opzeggingstermijn langer zijn en wordt rekening gehouden met anciënniteit, leeftijd, functie en bezoldiging.
De wet legt echter maxima op afhankelijk van het loon:
* tot 26.418 euro: 3 maanden
* tot 52.836 euro: 4,5 maanden
* meer dan 52.836 euro: 6 maanden
De opzeggingstermijn van bedienden begint de eerste dag van de maand die volgt op de betekening van ontslagneming (zie hoger).
Beëindiging met wederzijdse toestemming
De beëindiging met wederzijdse toestemming berust op een overeenkomst tussen de partijen. Die bepalen vrij op welke datum de arbeidsovereenkomst eindigt, of een vergoeding verschuldigd is, enz.
Wij raden je aan die overeenkomst schriftelijk te sluiten, maar het is niet verplicht.