HOOFDSTUK IV. - Aangifte en verificatie van de schuldvorderingen.
Art. 62. Om in aanmerking te komen voor een uitdeling alsmede om enig recht van voorrang te kunnen uitoefenen, zijn de schuldeisers gehouden aangifte van hun schuldvorderingen, samen met hun titels, ter griffie van de rechtbank van koophandel neer te leggen uiterlijk op de door het vonnis van faillietverklaring bepaalde dag. Op verzoek levert de griffier een ontvangstbewijs af.
De schuldeisers worden daartoe verwittigd door de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en door een rondschrijven dat hun door de curators wordt toegezonden zodra die schuldeisers bekend zijn.
Dit rondschrijven vermeldt plaats, dag en uur, bepaald voor (de neerlegging van het eerste proces-verbaal van verificatie) van de schuldvorderingen. <W 2005-12-06/46, art. 4, 011; Inwerkingtreding : 01-01-2006>
Art. 63. Elke aangifte vermeldt de identiteit, het beroep en de woonplaats of, indien het een rechtspersoon betreft, de identiteit, de voornaamste handelsactiviteit en de maatschappelijke zetel van de schuldeiser, het bedrag en de oorzaken van zijn schuldvordering, de eraan verbonden voorrechten, hypotheek- of pandrechten, en de titel waarop zij berust (bij gebreke waarvan de curators de vordering kunnen verwerpen, of ze beschouwen als chorografair). <W 2002-09-04/38, art. 21, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2002>
(Elke schuldeiser die geniet van een persoonlijke zekerheidstelling vermeldt dit in zijn aangifte van schuldvordering of uiterlijk binnen zes maanden vanaf de datum van het vonnis van faillietverklaring, tenzij het faillissement eerder werd afgesloten, en vermeldt naam, voornaam en adres van de natuurlijke persoon die zich kosteloos persoonlijk zeker heeft gesteld voor de gefailleerde, bij gebrek waaraan deze bevrijd is.) <W 2005-07-20/32, art. 4, 009; Inwerkingtreding : 07-08-2005>
(lid geschrapt) <W 2002-09-04/38, art. 21, 003; ED : 01-10-2002>
Zij wordt getekend door de schuldeiser, of in zijn naam door een gemachtigde; in het laatste geval moet de volmacht aan de aangifte worden gehecht, zij moet het bedrag van de schuldvordering vermelden (...). <W 2002-09-04/38, art. 21, 003; Inwerkingtreding : 01-10-2002>
Zoals iemand reeds zei, het komt er op neer dat jij bij de laatste bent om je centjes te zien waardoor je niet echt moet rekenen om nog veel van je geld terug te zien.