TI84
Legacy Member
Hallo iedereen,
Ik verveelde me tijdens de vakantie een beetje en ik had een boek gelezen dat ging over de geschiedenis van de wiskunde. Ik kwam aan een onderdeel over Pi en las dat men er vrij lang over gedaan heeft om hiervoor een nauwkeurige waarde te berekenen, ik dacht: ik zal zelf pi eens proberen af te leiden. Zo gezegd zo gedaan, ik begon eraan en ik ging er van uit dat een cirkel kon benaderd worden door een regelmatige veelhoek met een oneindig aantal hoeken (en dus ook zijden). De omtrek hiervan berekenen is niet zo moeilijk door een simpele limiet te nemen van een functie met Y= de omtrek en x het aantal hoeken (en dus een lim. voor x -> +oneindig) en dan nog ergens een sinus en wat breuken in de berekening. De limiet kon ook weggelaten worden door gewoon een heel hoog getal nemen voor x, zo bekomt men ook een vrij nauwkeurig getal.
Het enige waar ik in mijn berekening een rekenmachine voor nodig had was de sinus ( om de afzonderlijke zijden van de regelmatige veelhoek te berekenen met de sinusregel.) De rest was vrij simpel. Nu vraag ik me af sinds wanneer men sinussen (tot op een aantal decimalen) kan berekenen, ik vind op het internet dat dit manueel kan gedaan worden door reeksontwikkeling maar ik vind nergens sinds wanneer dit kan. Is er dus iemand die hier informatie over heeft?
Ik verveelde me tijdens de vakantie een beetje en ik had een boek gelezen dat ging over de geschiedenis van de wiskunde. Ik kwam aan een onderdeel over Pi en las dat men er vrij lang over gedaan heeft om hiervoor een nauwkeurige waarde te berekenen, ik dacht: ik zal zelf pi eens proberen af te leiden. Zo gezegd zo gedaan, ik begon eraan en ik ging er van uit dat een cirkel kon benaderd worden door een regelmatige veelhoek met een oneindig aantal hoeken (en dus ook zijden). De omtrek hiervan berekenen is niet zo moeilijk door een simpele limiet te nemen van een functie met Y= de omtrek en x het aantal hoeken (en dus een lim. voor x -> +oneindig) en dan nog ergens een sinus en wat breuken in de berekening. De limiet kon ook weggelaten worden door gewoon een heel hoog getal nemen voor x, zo bekomt men ook een vrij nauwkeurig getal.
Het enige waar ik in mijn berekening een rekenmachine voor nodig had was de sinus ( om de afzonderlijke zijden van de regelmatige veelhoek te berekenen met de sinusregel.) De rest was vrij simpel. Nu vraag ik me af sinds wanneer men sinussen (tot op een aantal decimalen) kan berekenen, ik vind op het internet dat dit manueel kan gedaan worden door reeksontwikkeling maar ik vind nergens sinds wanneer dit kan. Is er dus iemand die hier informatie over heeft?
zal er vanavond zeker naar kijken.