De concurrentie in de bordspellenwereld kan bikkelhard zijn, en als je ook nog eens rekening houdt met de vele logistieke problemen waarmee uitgevers in contact kunnen komen, dan is het logisch dat er elk jaar wel een of meerdere publishers kopje onder gaan. Toch zijn er gelukkig nog steeds dappere zielen die de sprong wagen en al dan niet hun droom realiteit maken om een uitgeverij uit de grond te stampen. Zoals Bob Van Mulder bijvoorbeeld, die samen met zijn zus een Standaard Boekhandel beheert, maar intussen ook Time Fades Away uit de grond stampte. Een van de publishers die aanwezig was op Spel en afgelopen weekend op SpellenFest in Brugge, was Time Fades Away, een nieuwe uitgever die dit jaar het levenslicht zag.
Samen met mijn vrouw schoof ik in Antwerpen aan bij hen om een potje Chomp te spelen, een leutig kaartspelletje waarin je tegels - of eerder gezegd kaarten - plaatst om een map te bouwen, waarbij je steeds een deel van een van de zichtbare kaarten moet overlappen. Je kan echter ook voor een van de zichtbare objectieven kiezen, die staan op de achterkant van de kaarten. Nadat elke speler acht kaarten heeft gespeeld, scoor je punten, maar eerst moet je zien welke dinosaurussen overleven. Alle dino’s die een teerput hebben in hun gebied leggen het loodje, maar ook dino’s die geen eten hebben sterven uiteraard uit. De speler die de meeste punten behaalt met zijn kuddes en doelen wint het spel. Simpel, niet?
Naast Chomp, was ons oog ook gevallen op Steenbokken, een ander klein spelletje ontworpen door Stephan Risthaus (Arkwright, Gentes), waarbij je met behulp van een dobbelsteen je bokken een berg op laat klimmen. Helaas hebben we dit spelletje niet kunnen spelen op de beurs omdat de tafel steeds bezet was wanneer we er passeerden. De release van Steenbokken staat alvast gepland voor volgende maand en in mei verschijnt ook nog Ruïnes van John D. Clair, met jawel, kaarten die je upgradet, een mechanisme waarvoor de designer intussen gekend is.
Ook in de catalogus van Time Fades Away vind je vier kleine, zogenaamde 'roll and write'-spellen. Deze komen in de vorm van blokken met scheurblaadjes die door Bob zelf werden ontworpen. Achter het design van de vier spellen vinden we dan weer Ellie Dix en Steve Finn, die we natuurlijk kennen van Biblios en Cities. Om deze spelletjes te spelen heb je naast de scheurblaadjes meestal nog wat dobbelstenen, pennen en enkele pionnen nodig hebt. Materiaal dat iedere bordspelspeler wel in huis heeft. De regels en extra info die je nodig hebt, staan simpelweg op de omslag gedrukt, lekker eenvoudig en handig! Ik nam de vier dobbelspelletjes alvast even onder de loep.
Dobelomino is de meest eenvoudige van de vier en deed mij eigenlijk wat denken aan een kruising tussen Happy Campers en Second Chance. Het is een zeer toegankelijk dobbelspel waarbij je met twee dobbelstenen werpt en één waarde van een dobbelsteen gebruikt om een bepaalde tetrominovorm te kiezen en de andere om te bepalen waar in het veld je de figuur zet. Kan je geen figuur zetten, dan moet je passen en na drie keer passen is het spel gedaan. Daarna tel je de punten, waarbij elk ingevuld vakje met een cirkel je vijf punten geeft, elk leeg vakje een minpunt en elk niet-ingevuld vakje met een vierkant vijf minpunten. Heel simpel van opzet dus, en het feit dat je steeds minder ruimte hebt om te plaatsen zal je toch wat keuzestress bezorgen naarmate het spel vordert.
Moneyminos is een tweespelerspel en volgt een beetje hetzelfde principe van tetromino's plaatsen in een veld, maar deze keer zal je moeten bieden op welke figuur je zal mogen zetten. De hoogste bieder mag als eerste kiezen en de andere speler moet de andere figuur kiezen. Aan deze figuur zijn ook cirkel- en vierkantsymbolen gelinkt, die je in de net geplaatste figuur moet plaatsen. Bied je minstens het dubbele van je tegenstander, dan mag je ook een sterretje aanduiden. Eens alle paren van figuren zijn overlopen, ga je over tot de puntentelling. Elk leeg vakje geeft je opnieuw een minpunt en vervolgens krijg je per rij en kolom punten volgens het aantal symbolen in de rij en kolom. Tel hierbij je sterren en je resterende geldwaarde, en wie de meeste punten heeft, wint. Opnieuw niet heel complex, maar het biedmechanisme geeft de ervaring toch een extra dimensie.
Cashen of crashen gooit het over een totaal andere boeg en geeft ons een 'push your luck'-spel waarin je zoveel mogelijk geld in je kluis probeert te steken. Elke ronde verzamel je geld door met een dobbelsteen te werpen, zolang je blijft werpen stroomt ook het geld binnen, maar als er een zes wordt gerold, dan verlies je alles wat je in die ronde hebt verzameld. Gelukkig kan je ervoor kiezen om na elke worp niet meer te volgen. Dan kan je kiezen om te 'cashen' en je geld in de kluis op te bergen of je geld te spenderen aan het kopen van een upgrade. Dit zijn permanente of eenmalige voordelen die je wat meer opties geven om geld te verdienen of langer in het spel te blijven. Cashen of Crashen is veruit de leukste van deze vier dobbelspellen en het push your luck-mechanisme zorgt zowel voor heel wat hilariteit als spanning. Het enige spijtige is dat een spelletje snel gedaan kan zijn omdat het spel ook eindigt wanneer alle spelers hun crashvakjes hebben aangekruist. Als er wat te veel zessen gegooid worden, dan is het al snel game over.
Lettura ten slotte neemt de definitie van roll-and-write heel letterlijk, want hier probeer je woorden te vormen op basis van de geworpen dobbelstenen. Je begint met de keuze van een thema en vervolgens werp je steeds twee dobbelstenen, waarbij de waarden bepalen welke twee letters je op de vijf rijen kan plaatsen. Op deze rijen probeer je een woord te vormen, waarbij je punten scoort op basis van de lengte van het woord. Past een woord bij het thema, dan krijg je twee extra punten. Wil of kun je geen letter zetten, dan kan je ook passen. Je kan - rara - drie keer een pasvakje aankruisen en zodra elke speler dit heeft gedaan eindigt het spel en wint de speler met het hoogste puntenaantal. Lettura was mijn minst favoriete spel in deze reeks, maar dat is louter omdat het woordthema mij niet zo ligt. Scrabble-fanaten zullen hier volgens mij het meeste plezier aan beleven. Ook kan het ideaal zijn voor een leuk feestje, na enkele glazen alcohol - zeker als je bijvoorbeeld een schunniger thema kiest.
Samen met mijn vrouw schoof ik in Antwerpen aan bij hen om een potje Chomp te spelen, een leutig kaartspelletje waarin je tegels - of eerder gezegd kaarten - plaatst om een map te bouwen, waarbij je steeds een deel van een van de zichtbare kaarten moet overlappen. Je kan echter ook voor een van de zichtbare objectieven kiezen, die staan op de achterkant van de kaarten. Nadat elke speler acht kaarten heeft gespeeld, scoor je punten, maar eerst moet je zien welke dinosaurussen overleven. Alle dino’s die een teerput hebben in hun gebied leggen het loodje, maar ook dino’s die geen eten hebben sterven uiteraard uit. De speler die de meeste punten behaalt met zijn kuddes en doelen wint het spel. Simpel, niet?
Klein maar fijn
De regels zijn inderdaad heel toegankelijk en het puzzelen met de kaarten geeft zeker enige voldoening. Hoewel het spel al bij al niet zo origineel aanvoelde, lijkt het wel een ideaal tussendoortje of een snel spelletje om met de kinderen te spelen. Je moet enkel zien dat je voldoende ruimte hebt om je dinolandschap te vormen, de kaarten zijn immers groter dan je zou verwachten. Wat ook wel fijn is, is dat het scoreblad met een whiteboardmarker komt en dus herbruikbaar is.Naast Chomp, was ons oog ook gevallen op Steenbokken, een ander klein spelletje ontworpen door Stephan Risthaus (Arkwright, Gentes), waarbij je met behulp van een dobbelsteen je bokken een berg op laat klimmen. Helaas hebben we dit spelletje niet kunnen spelen op de beurs omdat de tafel steeds bezet was wanneer we er passeerden. De release van Steenbokken staat alvast gepland voor volgende maand en in mei verschijnt ook nog Ruïnes van John D. Clair, met jawel, kaarten die je upgradet, een mechanisme waarvoor de designer intussen gekend is.
Roll those dice
Al deze spellen komen trouwens uit de stal van Allplay, een publisher uit de Verenigde Staten. Time Fades Away is met andere woorden een partnerschap aangegaan met Allplay om een aantal van hun spellen naar de Nederlandstalige spellenmarkt te brengen. Hun catalogus bevat nog heel wat andere opmerkelijke spellen, en Time Fades Away heeft dus nog heel wat materiaal om uit te putten in de toekomst en ik heb het vermoeden dat we wel meer van die kleine doosjes met het Time Fades Away-logo zullen zien verschijnen.Ik heb het vermoeden dat we wel meer van die kleine doosjes met het Time Fades Away-logo zullen zien verschijnen.
Ook in de catalogus van Time Fades Away vind je vier kleine, zogenaamde 'roll and write'-spellen. Deze komen in de vorm van blokken met scheurblaadjes die door Bob zelf werden ontworpen. Achter het design van de vier spellen vinden we dan weer Ellie Dix en Steve Finn, die we natuurlijk kennen van Biblios en Cities. Om deze spelletjes te spelen heb je naast de scheurblaadjes meestal nog wat dobbelstenen, pennen en enkele pionnen nodig hebt. Materiaal dat iedere bordspelspeler wel in huis heeft. De regels en extra info die je nodig hebt, staan simpelweg op de omslag gedrukt, lekker eenvoudig en handig! Ik nam de vier dobbelspelletjes alvast even onder de loep.
Dobelomino is de meest eenvoudige van de vier en deed mij eigenlijk wat denken aan een kruising tussen Happy Campers en Second Chance. Het is een zeer toegankelijk dobbelspel waarbij je met twee dobbelstenen werpt en één waarde van een dobbelsteen gebruikt om een bepaalde tetrominovorm te kiezen en de andere om te bepalen waar in het veld je de figuur zet. Kan je geen figuur zetten, dan moet je passen en na drie keer passen is het spel gedaan. Daarna tel je de punten, waarbij elk ingevuld vakje met een cirkel je vijf punten geeft, elk leeg vakje een minpunt en elk niet-ingevuld vakje met een vierkant vijf minpunten. Heel simpel van opzet dus, en het feit dat je steeds minder ruimte hebt om te plaatsen zal je toch wat keuzestress bezorgen naarmate het spel vordert.
Moneyminos is een tweespelerspel en volgt een beetje hetzelfde principe van tetromino's plaatsen in een veld, maar deze keer zal je moeten bieden op welke figuur je zal mogen zetten. De hoogste bieder mag als eerste kiezen en de andere speler moet de andere figuur kiezen. Aan deze figuur zijn ook cirkel- en vierkantsymbolen gelinkt, die je in de net geplaatste figuur moet plaatsen. Bied je minstens het dubbele van je tegenstander, dan mag je ook een sterretje aanduiden. Eens alle paren van figuren zijn overlopen, ga je over tot de puntentelling. Elk leeg vakje geeft je opnieuw een minpunt en vervolgens krijg je per rij en kolom punten volgens het aantal symbolen in de rij en kolom. Tel hierbij je sterren en je resterende geldwaarde, en wie de meeste punten heeft, wint. Opnieuw niet heel complex, maar het biedmechanisme geeft de ervaring toch een extra dimensie.
Cashen of crashen gooit het over een totaal andere boeg en geeft ons een 'push your luck'-spel waarin je zoveel mogelijk geld in je kluis probeert te steken. Elke ronde verzamel je geld door met een dobbelsteen te werpen, zolang je blijft werpen stroomt ook het geld binnen, maar als er een zes wordt gerold, dan verlies je alles wat je in die ronde hebt verzameld. Gelukkig kan je ervoor kiezen om na elke worp niet meer te volgen. Dan kan je kiezen om te 'cashen' en je geld in de kluis op te bergen of je geld te spenderen aan het kopen van een upgrade. Dit zijn permanente of eenmalige voordelen die je wat meer opties geven om geld te verdienen of langer in het spel te blijven. Cashen of Crashen is veruit de leukste van deze vier dobbelspellen en het push your luck-mechanisme zorgt zowel voor heel wat hilariteit als spanning. Het enige spijtige is dat een spelletje snel gedaan kan zijn omdat het spel ook eindigt wanneer alle spelers hun crashvakjes hebben aangekruist. Als er wat te veel zessen gegooid worden, dan is het al snel game over.
Lettura ten slotte neemt de definitie van roll-and-write heel letterlijk, want hier probeer je woorden te vormen op basis van de geworpen dobbelstenen. Je begint met de keuze van een thema en vervolgens werp je steeds twee dobbelstenen, waarbij de waarden bepalen welke twee letters je op de vijf rijen kan plaatsen. Op deze rijen probeer je een woord te vormen, waarbij je punten scoort op basis van de lengte van het woord. Past een woord bij het thema, dan krijg je twee extra punten. Wil of kun je geen letter zetten, dan kan je ook passen. Je kan - rara - drie keer een pasvakje aankruisen en zodra elke speler dit heeft gedaan eindigt het spel en wint de speler met het hoogste puntenaantal. Lettura was mijn minst favoriete spel in deze reeks, maar dat is louter omdat het woordthema mij niet zo ligt. Scrabble-fanaten zullen hier volgens mij het meeste plezier aan beleven. Ook kan het ideaal zijn voor een leuk feestje, na enkele glazen alcohol - zeker als je bijvoorbeeld een schunniger thema kiest.