Verhaaltje van mijn nonkel
Er moest weer eens een appartementje worden opgekuist in Zaventem en aangezien ik hieromtrent al de nodige ervaring had opgedaan was de bieding vlug binnen.
Het scenario liep parallelle met het vorige zodat ook nu er weer werd gebivakkeerd in het desbetreffende appartement.
Ook het inpakken van de nodige attributen om een volle week ter plekke te kunnen overleven bleek een routine job, alhoewel…
Toen ik mijn eerste week inging kwam ik tot de vaststelling dat ik verdorie mijn onderbroeken was vergeten. Ik geef wel toe dat dit nu niet iets is dat uiterlijk onmiddellijk opvalt, maar ik kon me toch moeilijk terugplaatsen in mijn jeugdjaren waar wij allemaal tot ons twaalfde jaar zonder onderbroek rondliepen. Gelukkig had ik alvorens te vertrekken zo’n proper ding aangeschoten en daar moest ik het dan ook een volle week mee uitzweten.
Hier waren maar twee opties: ofwel houw je dat ding een volle wek aan je kont, met alle nadelige geurtjes tot gevolg, ofwel zoek je een berekende oplossing die de mogelijkheid bood om met een aanvaardbaar odeurtje thuis te komen. Ik koos voor de tweede optie, maar dit vroeg wel enig rekenwerk.
Onder normale omstandigheden draagt een mens zijn onderbroek van 7 uur ’s morgens tot om en rond 11 uur ’s avonds, dit is dus ongeveer 16 uren per dag. Deze quota geven een aanvaardbare pollutie waar niemand zich aan stoort. Uitzonderingen zoals overdreven winderigheid en acute diaree laten we hier buiten beschouwing aangezien deze toestanden meestal van voorbijgaande aard zijn en zodoende niet in aanmerking komen tot het opstellen van een algemeen gangbare ‘ondebroekdraag-formule’.
Deze formule omval verschillen variabelen afgeleid uit volgende gegevens:
Een normale werkweek bestaat uit 120 uren waarvan men er 40 slaapt. Dus de effectieve prestatieduur is dan (120 – 40) : 5 = 16 uren.
Aangezien er vroege en late vogels zijn schrijven we beter: (120 – x) : 5 = y
Laat ons de pollutiegraad van de onderbroek uitdrukken door & en de aanvaardbare waarde ervan vastpinnen op 1. dan is & < 1 als y < 16 , of als u wil: 16 & < 1 Dit is nu de basisformule waaraan elke Vlaamse onderbroek zou moeten voldoen weliswaar ingebouwd met een kleine veiligheidmarge.
Nu hoor ik sommigen reeds de opmerking maken dat dit alles weinig te maken heeft met het titelgegeven van dit schrijven. Maar sta me toe hier zijdelings te vermelden dat een onderboek niet zomaar een onderbroek is. Het is een geheel van sferische, parabolische en hyperbolische contouren die kwadratisch in verhouding staan tot de derde macht functie van de kont die ze verhullen, waardoor de kwadratuur uiterst moeilijk te bepalen valt. Maar dit is voer voor bollebozen en leidt ons iets te ver af van het probleem dat zich in Zaventem stelde.
Met dit gegeven zat ik nu op mijn appartementje en pijnigde mijn beetje hersenen om me aan deze formule te houden. Ik moest willes nilles terug naar mijn jeugd en moest een oplossing vinden om 80 uren zien te overbruggen met slecht 1 onderbroek en toch onder de &-waarde van de formule te blijven. Met mijn klein rekenmachine was ik er achter gekomen dat ik per dag mijn onderbroek slechts 3 uren en 12 minuten mocht aanhouden om de &-limiet niet te overschrijden (voor de puristen: 16 uren toegelaten onderbroekendracht gedeeld door 5 dagen van de week geeft 3 uren en 12 minuten). De enige optie die in mijn geval overbleef was om 7 uur ’s morgens zonder onderbroek in mijn werkbroek stappen en doen alsof er geen vuiltje in de lucht was (in de lucht inderdaad niet, iets lager soms wel). En hier had ik dan die flash-back naar mijn jeugd, en eerlijk gezegd; het kriebelde nog altijd zoals toen. Aan de andere kant had ik het voordeel dat er tot op heden nog altijd geen &-waarde werd bepaald voor een werkbroek wat maakte dat ik eens flink mijn gangen kon gaan zonder er te worden op aangesproken.
En geloof het of niet maar na vijf dagen rook mijn onderbroek perfect zoals een onderbroek na één dag moet ruiken; aromatisch perfect met een snuifje verduft en een geurtje pikant, klaar voor Dash voor het algemene werk en Vanish voor de hardnekkige vlekken.
Mijn madam heeft me zonder wasspeld op de neus binnen gelaten.