Ennio Morricone tribute week, paar oude, paar nieuwe:
Vamos a matar, companeros - 7/10 (Sergio Corbucci, 1970)
Plezante western dat zich afspeelt tijdens de Mexicaanse revolutie. Hij lijkt wel een lichte herwerking van de productie van Il mercenario, alleen is hij niet even goed en de muziek minder catchy (
titelsong werkt nochtans wel goed). Franco Nero en Jack Palance zijn goede vijanden van elkaar, maar net als de meeste spaghettiwesterns is hij wat stroef en zijn de postsync dialogen soms gewoonweg te storend voor woorden.
State of Grace - 7,5/10 (Phil Joanou, 1990)
Standaard verhaal over Ierse gangsters, hun Italiaanse concurrenten en undercover flikken. Het is fijn op te zien hoe de film zeer letterlijk in dialoog treedt met Scorsese's films (ik geloof zelfs dat ook hier Rolling Stones op de soundtrack verschijnen - wat is dat toch in hemelsnaam?. Cinematografie van Cronenweth is strak en alle acteurs doen hun werk zeer goed. Maar jammer genoeg was de muziek hier niet zo heel goed (oopsie Ennio) en de plot wat mager.
Rewatches:
The Good, The Bad & The Ugly, hoe kon het ook anders? Ik weet dat het een beetje cliché is, maar het was weer al enkele jaren gelden sinds ik hem voor het laatst zag, en voor m'n vriendin nog veel langer. Ik heb weer ontzettend genoten. Cinematografie is geweldig, het constante spel van de wijde landschappen en de ultradichte close-up is fascinerend en hilarisch. Tuco heeft alleen maar geweldige lines ("One bastard goes is, another comes out!"), Angel Eyes is een absoluut iconische slechterik en het is misschien een beetje raar om te zeggen, maar Blondie is eigenlijk het minst memorabele vand e drie hoofdfiguren. Tot hij zijn poncho vindt dan toch...
Once Upon a Time in America was een long time coming, maar wat ben ik blij dat ik de tijd genomen heb om de film in één ruk uit te kijken, lekker luid en op een deftig scherm. Maar vooral ook dat ik de restauratie uit 2012 heb gezien. Sure, voor sommige scènes is het 'nieuwe' beeldmateriaal erg gehavend en in veel lagere kwaliteit dan de rest, maar het zorgt voor heel wat duidelijkheid in het nogal wazige '60s subplot. En dat vind ik wel goed, want ook al is de film doordrenkt met de opium haze van een wegdommelende Noodles, was het volgens mij nooit de bedoeling dat OUATIA compleet een Lynchiaanse toer opging.
Anyway, er is dus wel degelijk een narratieve flow waar ik in kon komen en ik heb me voor één keer niet eens gestoord aan de old people make-up in de film. Maar wat me vooral zal bijblijven zijn de on-ge-loof-lijke sets, kostuums en cinematografie. Dit is echt next level shit qua recreatie van een oud en verloren tijdperk, en het was soms echt pijnlijk mooi om aan te zien. Ook de score van Morricone is prachtig, maar het lijkt wel alsof hij lang niet even veel muziek schreef als er film was, want veel deuntjes worden gewoon opnieuw en opnieuw gebruikt. Consider me converted, dit is echt een absoluut meesterwerk.