Nothomb
Legacy Member
Is er iemand die goed op de hoogte is van de verkeerswetten en mij kan zeggen of ik in mijn gelijk ben of niet?
Vrijdag 9 december 2011 omstreeks half drie reed ik, PH, in de auto met nummerplaat xxxx op de Houthalenseweg in Zonhoven, richting centrum. Naast mij in de auto zat LD, mijn vriendin en eigenaar van het voertuig (wij wonen op hetzelfde adres).
Net voor de bocht zet ik mijn linker richtingaanwijzer aan om ruim op voorhand de verkeersdeelnemers achter mij duidelijk te maken dat ik linksaf mijn oprit wil inrijden. Ik rem daarbij lichtjes af en vertraag (remlichten zijn werkend, alsook beide pinkers). Net achter de bocht, voor ik mijn oprit wil inrijden kijk ik eerst in mijn achterruitkijkspiegel. Ik zie een zwarte auto achter mij rijden op het rechterrijvak. Net voor het manoeuvreren om links af te slaan kijk ik voor de zekerheid ook nog eens in mijn zijspiegel. De linkerbaan achter mij is vrij. De zwarte auto rijdt nog steeds op het rechterrijvak achter mij.
Ik begin mijn manoeuvre en draai. Tijdens het draaien geeft de zwarte auto achter mij plankgas en probeert mij alsnog met een uitwijkmanoeuvre (hij rijdt opzettelijk van de weg af en op de berm) voorbij te steken. (Let wel: ik was op dat moment al bezig met draaien.) Daarbij rij ik met de voorkant van mijn auto tegen de zijkant van de zwarte auto. Daarna geeft de zwarte auto plankgas en rijdt weg. Pas wanneer ik terug achter hem aan ga rijden, zet hij zijn auto aan de kant, ter hoogte van de Houthalenseweg 79.
De politie is een half uur later ter plaatse gekomen om een PV op te stellen. De bestuurder van de zwarte auto geeft toe dat ik mijn pinker correct heb gebruikt, zachtjes ben beginnen vertragen en het manoeuvre heb gemaakt om links af te slaan, alvorens hij mij voorbij begon te steken. Toch beweert de bestuurder niet in fout te zijn. Omdat er op de Houthalenseweg geen inhaalverbod van kracht is, was hij in zijn recht om mij nog snel voorbij te steken. Ik betwist die feiten, omdat ik op voorhand correct heb aangegeven dat ik linksaf mijn oprit ging inrijden en bovenal: omdat ik al aan de draai bezig was, alvorens de zwarte auto mij in volle vaart voorbij stak. Bij de start van het uitvoeren van mijn manoeuvre was de linkerrijbaan immers nog volledig vrij van verkeer.
Vrijdag 9 december 2011 omstreeks half drie reed ik, PH, in de auto met nummerplaat xxxx op de Houthalenseweg in Zonhoven, richting centrum. Naast mij in de auto zat LD, mijn vriendin en eigenaar van het voertuig (wij wonen op hetzelfde adres).
Net voor de bocht zet ik mijn linker richtingaanwijzer aan om ruim op voorhand de verkeersdeelnemers achter mij duidelijk te maken dat ik linksaf mijn oprit wil inrijden. Ik rem daarbij lichtjes af en vertraag (remlichten zijn werkend, alsook beide pinkers). Net achter de bocht, voor ik mijn oprit wil inrijden kijk ik eerst in mijn achterruitkijkspiegel. Ik zie een zwarte auto achter mij rijden op het rechterrijvak. Net voor het manoeuvreren om links af te slaan kijk ik voor de zekerheid ook nog eens in mijn zijspiegel. De linkerbaan achter mij is vrij. De zwarte auto rijdt nog steeds op het rechterrijvak achter mij.
Ik begin mijn manoeuvre en draai. Tijdens het draaien geeft de zwarte auto achter mij plankgas en probeert mij alsnog met een uitwijkmanoeuvre (hij rijdt opzettelijk van de weg af en op de berm) voorbij te steken. (Let wel: ik was op dat moment al bezig met draaien.) Daarbij rij ik met de voorkant van mijn auto tegen de zijkant van de zwarte auto. Daarna geeft de zwarte auto plankgas en rijdt weg. Pas wanneer ik terug achter hem aan ga rijden, zet hij zijn auto aan de kant, ter hoogte van de Houthalenseweg 79.
De politie is een half uur later ter plaatse gekomen om een PV op te stellen. De bestuurder van de zwarte auto geeft toe dat ik mijn pinker correct heb gebruikt, zachtjes ben beginnen vertragen en het manoeuvre heb gemaakt om links af te slaan, alvorens hij mij voorbij begon te steken. Toch beweert de bestuurder niet in fout te zijn. Omdat er op de Houthalenseweg geen inhaalverbod van kracht is, was hij in zijn recht om mij nog snel voorbij te steken. Ik betwist die feiten, omdat ik op voorhand correct heb aangegeven dat ik linksaf mijn oprit ging inrijden en bovenal: omdat ik al aan de draai bezig was, alvorens de zwarte auto mij in volle vaart voorbij stak. Bij de start van het uitvoeren van mijn manoeuvre was de linkerrijbaan immers nog volledig vrij van verkeer.



