Jedi M.S.
Legacy Member
Hello,
Sinds gisteren zit ik met een vraag dat google nog niet heeft kunnen oplossen voor me.
Hoe hoger je in de troposfeer gaat, hoe lager de atmosferische druk, hoe lager de luchtdichtheid, en hoe lager de temperatuur.
Maar: hoe lager de temperatuur van een luchtmassa, hoe moeilijker het watermoleculen kan vasthouden. Van zodra de massa z'n dooipunt bereikt is de massa saturated, en beginnen de watermoleculen te condenseren (wolk).
Als de temperatuur verlaagt bewegen de luchtmoleculen niet meer zo snel, en kruipen ze dichter tegen elkaar aan, waardoor er dus minder plaats is voor watermoleculen.
Hier zit ik met een probleem: hoe hoger je gaat, hoe minder dicht de luchtmassa, dus hoe verder de moleculen van elkaar verwijderd zijn. MAAR toch verlaagt de temperatuur, en is er minder plaats voor watermoleculen??
De temperatuur zou toch eigenlijk moeten stijgen, en er zou meer plaats moeten zijn voor watermoleculen?
Is er iets dat ik over het hoofd zie, of iets dat ik verkeerd begrijp?
Thanks!
Sinds gisteren zit ik met een vraag dat google nog niet heeft kunnen oplossen voor me.
Hoe hoger je in de troposfeer gaat, hoe lager de atmosferische druk, hoe lager de luchtdichtheid, en hoe lager de temperatuur.
Maar: hoe lager de temperatuur van een luchtmassa, hoe moeilijker het watermoleculen kan vasthouden. Van zodra de massa z'n dooipunt bereikt is de massa saturated, en beginnen de watermoleculen te condenseren (wolk).
Als de temperatuur verlaagt bewegen de luchtmoleculen niet meer zo snel, en kruipen ze dichter tegen elkaar aan, waardoor er dus minder plaats is voor watermoleculen.
Hier zit ik met een probleem: hoe hoger je gaat, hoe minder dicht de luchtmassa, dus hoe verder de moleculen van elkaar verwijderd zijn. MAAR toch verlaagt de temperatuur, en is er minder plaats voor watermoleculen??
De temperatuur zou toch eigenlijk moeten stijgen, en er zou meer plaats moeten zijn voor watermoleculen?
Is er iets dat ik over het hoofd zie, of iets dat ik verkeerd begrijp?
Thanks!