renaat6
Legacy Member
Vorige zondag sloeg mij, bij het volgen van het debat in tv-programma 'De zevende dag', de schrik om het hart. Paul De Grauwe, professor Economie trachtte er de Vlaamse ministers van werk en economie van te overtuigen dat financiële steun aan General Moters-Antwerpen een zinloze zaak is.
De geschiedenis van de bodemloze Textiel- Staal- en Scheepsbouwputten ,welke men in de jaren zeventig en -tachtig heeft trachten te vullen, is blijkbaar onvoldoende om zowel neoliberale als links-liberale salonsocialistische politici tot realistischer gedachten te brengen.
De voorbije decennia hebben, ook zonder financiële crisis, overcapaciteit en automatisering, gekoppeld aan de niet te winnen concurrentie met de lage-loonlanden, steevast afbouw van werkgelegenheid en sluiting van assemblagebedrijven als gevolg gehad.
Niemand roept multinationale automobielbedrijven zoals GM ter verantwoording voor het feit dat zij ondanks de honderden miljoenen winsten van de voorbije jaren, wegens een omzetdaling van twintig procent, binnen de paar maand failliet dreigen te gaan.
Wanneer gaat de goegemeente nu eindelijk begrijpen dat in een kapitalistische vrije markteconomie, voor 'werkgevers' de 'werknemers' alleen maar een noodzakelijk kwaad zijn, en dat in tijden van omzetstagnatie of -daling, alleen het verminderen van het personeelpotentieel toch nog winst kan opleveren .
'Innoveren' (het vinden en toepassen van nieuwe geavanceerde technieken en producten) werkt, voor zover zij bestaande technieken of producten vervangen, het verminderen van de werkgelegenheid in de hand.
Ondanks een stijgende productiviteit heeft zich in verschillende sectoren, waaronder de automobielsector, de voorbije decennia en grote en constante daling van werkgelegenheid voorgedaan. Dat is een blijvend fenomeen, de financiële crisis accentueert het alleen maar.
De geschiedenis van de bodemloze Textiel- Staal- en Scheepsbouwputten ,welke men in de jaren zeventig en -tachtig heeft trachten te vullen, is blijkbaar onvoldoende om zowel neoliberale als links-liberale salonsocialistische politici tot realistischer gedachten te brengen.
De voorbije decennia hebben, ook zonder financiële crisis, overcapaciteit en automatisering, gekoppeld aan de niet te winnen concurrentie met de lage-loonlanden, steevast afbouw van werkgelegenheid en sluiting van assemblagebedrijven als gevolg gehad.
Niemand roept multinationale automobielbedrijven zoals GM ter verantwoording voor het feit dat zij ondanks de honderden miljoenen winsten van de voorbije jaren, wegens een omzetdaling van twintig procent, binnen de paar maand failliet dreigen te gaan.
Wanneer gaat de goegemeente nu eindelijk begrijpen dat in een kapitalistische vrije markteconomie, voor 'werkgevers' de 'werknemers' alleen maar een noodzakelijk kwaad zijn, en dat in tijden van omzetstagnatie of -daling, alleen het verminderen van het personeelpotentieel toch nog winst kan opleveren .
'Innoveren' (het vinden en toepassen van nieuwe geavanceerde technieken en producten) werkt, voor zover zij bestaande technieken of producten vervangen, het verminderen van de werkgelegenheid in de hand.
Ondanks een stijgende productiviteit heeft zich in verschillende sectoren, waaronder de automobielsector, de voorbije decennia en grote en constante daling van werkgelegenheid voorgedaan. Dat is een blijvend fenomeen, de financiële crisis accentueert het alleen maar.
