Over Joao Carlos:
"Het is er niet aangenaam"
GENK - Dagestan is niet de meest vrolijke regio voor een voetballer. Joao Carlos steekt dan ook niet onder stoelen of banken dat hij voor het geld kiest. Waar komt de Braziliaanse Genk-verdediger precies terecht? We vroegen het Nicolas Lombaerts, die al tegen de nieuwe club van Carlos speelde.
Dagestan is een autonome republiek binnen de Russische Federatie (vroeger had het diezelfde status in de Sovjetunie). Het is 50.000 km² groot en telt 2,5 miljoen inwoners - een etnisch erg diverse bevolking in een land dat voor een groot deel uit bergen bestaat. De hoofdstad Machatsjkala zou de snelst groeiende stad van de Russische Federatie zijn, een hele prestatie in een gebied dat geplaagd wordt door politieke instabiliteit en georganiseerde misdaad. Het zijn vooral de maffiaclans die profiteren van de natuurlijke rijkdommen (olie- en gasreserves, kaviaar uit de Kaspische zee). Ontvoeringen en moorden zijn dagelijkse kost, mede door de overvloed aan vuurwapens en de traditionele wapencultuur. Nicolas Lombaerts speelde met Zenit St-Petersburg één keer tegen Anzhi Machatsjkala. "Het is eerder een technische ploeg, thuis zijn ze te duchten door hun hevige en fanatieke fans, maar op verplaatsing is dat een stuk minder", aldus de Rode Duivel. "Het stadion stelt niet veel voor, ik geloof zelfs dat er achter één doel geen tribune staat. Het had toen ook heel fel geregend, het veld was nauwelijks bespeelbaar. Ik geloof dat we er 3-3 gelijkspeelden."
Lombaerts is geen liefhebber van de regio. "Het is helemaal anders dan Moskou of St-Petersburg, heel aangenaam vond ik het er niet. Een lokale journalist vertelde me dat er nog dagelijks aanslagen gebeuren, maar als ploeg merkten wij niets van mogelijk gevaar. Ik herinner me wel dat we er in een dramatisch hotel logeerden. We moesten naar binnen langs een trap aan de achterkant van het gebouw, een receptie was er niet, we kregen onze sleutel in de gang. Ik weet niet eens of het echt een hotel was, de kamers bleken ook zeer oud."
Net als zijn westelijke buur Tsjetsjenië is Dagestan de voorbije jaren vooral in het nieuws geweest door berichten over terreuraanslagen en politiek geweld. Volgens de Russische autoriteiten moet de dader van de recente bomaanslag op de luchthaven van Moskou in deze gebieden in de noordelijke Kaukasus gezocht worden. Uit Dagestan kwamen ook de twee vrouwen die in maart vorig jaar een aanslag pleegden op de metro van Moskou, waarbij 39 doden vielen.
In de jaren negentig richtten Tsjetsjeense warlords echte bloedbaden aan bij gijzelacties in Dagestan. De Russische troepen in Dagestan waren ook in de voorbije jaren nog geregeld het doelwit van (overwegend kleinere) aanvallen. In 2005 kwamen nog tien mensen om bij een bomaanslag in het centrum van Machatsjkala. In 2009 werd de regionale minister van Binnenlandse Zaken nog vermoord. En ook het beroep van journalist leidt in dit deel van de wereld nogal eens naar een vroeg graf. Tot slot: het Tupolev-vliegtuig waarmee de Rode Duivels vorig jaar naar Rusland vlogen en dat drie weken later crashte, was ook eigendom van de Dagestaanse luchtvaartmaatschappij South East Airlines.
Allé, toffe stad om te spelen precies
