Vraagje voor de mannen van de Rechten! Erfenisrecht. Wordt (in Gent) naar 't schijnt pas gezien in 3e Bach, maar kan maar proberen.
Afstammelingen van Grootooms/groottantes (= oudooms/oudtantes) komen NIET meer in aanmerking voor erfenis hé? Die zijn 4e orde 5e graad. Plaatsvervulling bij reeds overleden Grootoom/groottante is in principe niet meer mogelijk, en de afstammelingen komen dus niet in aanmerking voor de erfenis. Art. 742 B.W
't Is maar dat de prof een oefening heeft uitgewerkt, en hij daar een dochter van een overleden groottante van de erflater laat erven. Die is 4e orde 5e graad, maar door dat overlijden past ze plaatsvervulling toe en is die dochter erfgerechtigd... En alle wetteksten en cursussen die ik kan vinden spreken die oplossing tegen.
In principe zou ik er geen schrik van hebben, maar alle studenten hebben dit zo opgeschreven en gaan het vermoedelijk zo leren en oplossen als ze zich geen vragen stellen. Als ik op het examen dan een van de weinige ga zijn die het effectief volgens het wetboek oplost, en het overgrote deel de 'juiste' (volgens mij dus foute) manier toepast, kan er wel eens discussie ontstaan.
EDIT: Heb net nog bevestiging gevonden in een presentatie van Meester Ann Maelfait, advocaat bij Greenille. Ook zij zegt dat er bij afstammelingen van Grootoom/groottante geen plaatsvervulling kan zijn. Mijn prof is dus fout. Wat doe ik daar mee?

De wet volgen vermoed ik, en achteraf eventueel examen opvragen en nakijken. Dat is mogelijk?