@ Gurdt: ik vind het ook een interessante discussie.
Misschien nog even kort vermelden: de mensen waren vroeger inderdaad even slim als nu, alleen hadden ze niet dezelfde hoeveelheid intellectuele bagage die vandaag (niet alleen dankzij alle innovaties, maar vooral dankzij het internet) zo vrijelijk beschikbaar is (en m.i. ietwat vanzelfsprekend wordt bevonden).
Ook niet onbelangrijk is dat de mensen vroeger zeker niet allemaal even gelovig waren als ze altijd worden afgeschilderd, integendeel: bij zeer velen is er een zeker pragmatisme of zelfs scepticisme te bespeuren dat een hedendaags agnost niet vreemd zou zijn!
De Romeinen hadden bijvoorbeeld goden voor van alles en nog wat, doch daar hechtten zij zeker geen blind geloof aan - ze sprongen daar zeer pragmatisch mee om. Eerder een "what if" scenario. Wat als ik nu geen offer aanbied en ze tóch bestaan... Beter op veilig spelen, en toch offeren. Gans de Romeinse godenwereld was op dat principe gebaseerd en doordrongen van een zwaar beladen formalisme. Eén fout, één woord dat verkeerd gezegd werd, en de hele religieuze plechtigheid mocht opnieuw gedaan worden. Dat was dan ook het enige dat telde: het formalisme primeerde, en niet zozeer het geloof in de goden.
De middeleeuwen waren evenmin zo katholiek / gelovig als ze altijd worden afgeschilderd. Vergeet niet dat zowat 90% van alle bronnen die we hebben over die periode afkomstig is van clerici, hetgeen dus een serieus vertekend beeld oplevert van die tijden... Die clerici stellen het natuurlijk graag voor alsof iedereen in de maatschappij makke, volgzame schaapjes zijn in de kudde der gelovigen. In de praktijk was het merendeel van de mensen niet zozeer gelovig (in de hedendaagse betekenis van het woord) als wel erg
bijgelovig.
Er zijn zeer vele processen bewaard van mensen die veroordeeld werden wegens ketterij, niet zozeer omdat ze de duivel vereerden ofzo, maar omdat ze een beroep deden op de "krachten van de natuur" (lees: kruidenzalfjes etc.). In de middeleeuwse religieuze beleving twijfelde men weliswaar niet aan het bestaan van God, alleen stond die nogal ver van de mensen vandaan en had die zijn plaats naast allerlei animistische krachten.
Het is pas sinds de Contrareformatie (17de eeuw), en pas echt sedert de 19de eeuw dat onze gewesten zo oerkatholiek zijn geworden, juist vanwege de toenemende existentiële onzekerheid die de technologische ontwikkelingen met zich meebrachten (denk bv. aan Daens).
Daarvóór waren er uiteraard ook al meer dan genoeg gelovige mensen, maar die vormden een kleinere groep dan doorgaans wordt aangenomen - we hebben daar een nogal vertekend beeld over, omdat onze bronnen grotendeels afkomstig zijn van de hand van clerici. Als je voorbij dat gekleurde glaasje kijkt, zou je nog vreemd opkijken van hoe de maatschappij, de man in de straat, met het geloof omging - dat is niet zó drastisch verschillend met nu. Men ging daar ook al pragmatisch/sceptisch mee om. Alleen gebeurde dat niet zo openlijk als vandaag.