voor diegene die iets over die string theorie willen weten: Newton beweerde: De ruimte is absoluut. De tijd is absoluut. Verder hebben ze niets met elkaar te maken. Een absolute ruimte betekent dat je van iemand kunt zeggen dat hij écht beweegt, omdat hij beweegt ten opzichte van die ruimte. Een absolute tijd wil zeggen dat twee mensen het met elkaar eens zullen zijn over gelijktijdigheid (bijvoorbeeld dat twee bommen precies tegelijk ontploffen), zelfs als die twee mensen ten opzichte van elkaar bewegen.
Einstein bewees dat Newton ongelijk had. Hij ontdekte dat de ruimte niet absoluut is en ook de tijd niet, maar sámen vormen zij wel een absolute ruimtetijd. Dit heet de speciale relativiteitstheorie (relatief moet je hier lezen als het tegengestelde van absoluut). De kern van de theorie is: de natuurwetten moeten voor iedereen hetzelfde zijn, ook al beweegt iedereen ten opzichte van elkaar. Dit uitgangspunt baseerde Einstein op de ontdekking dat de lichtsnelheid voor iedereen even groot is, ook al bewegen zij ten opzichte van elkaar en bekijken ze dezelfde lichtstraal. Hoe kan dat? Dat komt omdat mensen niet door een absolute ruimte bewegen maar door een absolute ruimtetijd. Dat betekent dat wanneer je je beweging door de ruimte verandert, je automatisch ook je ‘beweging’ door de tijd verandert (de tijd gaat voor jou dan langzamer of sneller lopen). Twee mensen die ten opzichte van elkaar bewegen, hebben dus twee verschillende ideeën van de tijd (hun horloges lopen niet even snel). Belangrijk is te beseffen dat beide mensen totaal ‘gelijk’ zijn! Als ze een natuurkundig proefje doen, vinden ze allebei precies dezelfde uitkomst, welk proefje ze ook doen. Je kunt dus niet meer zeggen dat één iemand beweegt en de ander stilstaat. Ze bewegen ten opzichte van elkaar en niet ten opzichte van een absolute ruimte.
Later breidde Einstein de speciale relativiteitstheorie (SR) uit tot de algemene relativiteitstheorie (AR). In SR ging het alleen maar over eenparige (onveranderende) bewegingen, in AR beschreef Einstein ook versnellende (of vertragende) bewegingen. Einstein ontdekte dat een versnelling ononderscheidbaar was van een zwaartekrachtsveld (equivalentieprincipe). (Versnellingen zijn overigens wel absoluut, omdat je wel absoluut kunt versnellen ten opzichte van de ruimtetijd.) Daarom werd AR een belangrijke theorie van de zwaartekracht. De theorie is experimenteel al heel vaak bevestigt: hij werkt.
AR heeft alleen één probleem: het is een zogenaamde klassieke theorie, dat wil zeggen dat het nog niet gebaseerd is op de wetten van de kwantummechanica (die daarna ontwikkeld werd).
Het is nog niemand gelukt om AR met kwantummechanica te verenigen. De twee theorieën hebben ‘ruzie’ met elkaar: AR heeft gelijk als het om hele grote dingen gaat, en kwantum heeft gelijk als het om hele kleine dingen gaat, maar eigenlijk zouden ze samen één theorie moeten worden die zowel hele grote als hele kleine dingen beschrijft, en alles daar tussenin!
Met zo’n ‘theorie van alles’ zouden we zwarte gaten en het begin van het heelal kunnen begrijpen.
Stringtheorie (snaartheorie) is een theorie die hopelijk AR met kwantum verenigt. Het is een goede (en tot nu toe de enige) kandidaat voor de theorie van alles, maar er zijn nog geen echte bewijzen voor. Uitgangspunt is dat alle deeltjes geen puntjes zijn maar hele kleine snaartjes. Door op een verschillende manier te trillen, kan één snaartje álle elementaire deeltjes worden! Een belangrijk resultaat van de theorie is dat het ook een zwaartekrachtsdeeltje (graviton) voorspelt, daarom wordt het ook vaak een zwaartekrachttheorie genoemd. Om wiskundig helemaal te kloppen, heeft stringtheorie wel meer dan drie ruimtedimensies nodig! Om dit soort vreemde voorspellingen gelooft niet iedereen dat stringtheorie succes zal hebben.
bron:
http://www.natutech.nl/forumDiscuss...ession=NTses:521B8C1A44E6E0281F70498981AF1406
-EDIT-
wel ongeloofelijk als je dit zo allemaal leest hé, wie dat toch allemaal uitdoktert! maar als je er teveel over gaat nadenken begin je echt wel te flippe