Als ge leent om de interesten in te brengen, gebeurt eigenlijk het volgende:
1) je betaalt interesten op je lening, stel voor een bedrag I
2 je kan die interesten inbrengen als kost bij de belastingen, aan een belastingsvoet die altijd lager is als 100% (uiteraard), laten we stellen dat die voet t is, bespaar je dus t x I.
Je relatieve cashflow is dus - I + t x I oftewel I(t-1), een hoeveelheid die altijd negatief is zolang de belastingsvoet niet meer dan 100% bedraagt. In de praktijk dus altijd negatief

.
Vandaar zou ik gewoon niet lenen ALS je het in één keer kan betalen. Dan bespaar je een hoop interest. Nu langs de andere kant is een lening ook gewoon een product dat je in staat stelt je uitgaven en inkomen te spreiden volgens een gewenst patroon. En uiteraard moet je voor dat product betalen. Dus je moet zien of dat product het waard is.
Nu, dit is een klein beetje té simplisctisch voorgesteld hierboven, maar het voorbeeld moet duidelijk blijven om het te snappen. In de realiteit kan je door lagere belastingen bijvoorbeeld ook aan een lagere voet getaxeerd worden, en dergelijke. Maar in principe zou ik nooit interesten gaan betalen om ze achteraf te kunnen aftrekken van de belastingen. Daar zal je nooit winst op maken. Wat uiteraard wel correct is, is dat in bij aftrekbare interesten je uiteindelijk kost lager is dan het bedrag dat je maandelang afbetaalt, omdat je kunt aftrekken.