Begin 2012 kreeg de financiële vermogensbeheerder Optima een onaangekondigd bezoek van de Bijzondere Belastinginspectie (BBI) in zijn hoofdzetel. Dat is op zich niet zo verwonderlijk. De fiscale wetboeken laten de fiscus toe een fiscale visitatie uit te voeren in de beroepslokalen van een onderneming, onder meer om de aard van de beroepswerkzaamheden na te gaan. Niets nieuws onder de zon, ware het niet dat de fiscus toch wel bijzonder ver is gegaan. Niet alleen werd het bedrijf ‘bezocht’, er werden ook massa’s klantengegevens van de bedrijfscomputers gekopieerd, er werd inzage gevraagd in de iPad van de topman van Optima en zelfs de handtas van zijn dochter werd doorzocht.
Vooral die onderzoekshandelingen hebben in fiscale middens tot nogal wat beroering geleid. De fiscale wereld haalde dan ook opgelucht adem toen gisteren bekendraakte dat de rechtbank in Gent beslist heeft dat de inval van de BBI bij Optima onrechtmatig is verlopen. De informatie die de fiscus bij die inval heeft verkregen kan dan ook niet langer voor taxatiedoeleinden worden gebruikt, wat allicht goed nieuws is voor het Optima-cliënteel. [...]
Als we de fiscale onderzoeksmachten van de fiscus op een rijtje zetten, moet worden vastgesteld dat de fiscus enkel over een ‘bezoekrecht’ beschikt en niet over een ‘huiszoekingsrecht’. De jongste jaren blijkt echter dat de fiscus zijn bezoekrecht steeds ruimer is gaan interpreteren. Langzamerhand heeft hij zijn passief bezoekrecht doen evolueren naar een actief zoekrecht, door onder meer steevast alle data van bedrijfscomputers te kopiëren. Fiscale juristen hebben dat van meet af aan fel bekritiseerd. [...]
Gisteren bleek dan ook dat die kritiek werd gehoord, en heeft de rechtbank in Gent het visitatierecht van de fiscus herleid tot normale proporties.
-
?Bezoekrecht' fiscus herleid tot normale proporties: De Tijd