zoals beloofd:
Prometheus - 8/10 (Ridley Scott, 2012)
De beste Alien sinds Alien, dat is al zeer zeker. Wat een klein beetje jammer was, was dat Scott ervoor koos om van Prometheus eerder een space action movie te maken dan een sci-fi horror film. Maar aan de andere kant is het misschien beter zo, want wie weet had hij dan een Alien-kloon gemaakt. En ik heb liever een verbeterde versie van Aliens dan een zwakkere herhaling van Alien. De keuze om van de film meer een standaard actiefilm te maken impliceert jammer genoeg heel wat clichés en dialogen om een facepalm te slaan. Ook komen er net iets te veel actiescenes in waarbij je niet anders kan dan denken "that would never happen". Maar al deze kleine ergernissen waren alleszins vrij betekenisloos wanneer ik ze opweegde tegen het plezier dat ik in de cinema beleefde. Met momenten een meter in de lucht gesprongen door sheer awesomeness: de film bevat enkele ongelooflijk intense momenten en ook heel wat imagery om voor sci-fi boners te zorgen (van de soort die je niet al te vaak tegenkomt). De film heeft serieus al mijn verwachtingen ingelost, and then some. Ook had ik niet door dat het Alien-prequel ging zijn, dus de film zat boordevol verrassingen voor mij, plot/design-wise. Ga de film kijken in de cinema (niet in 3D) en houd ervan.
Play Time - 9/10 (Jacques Tati, 1967)
Man, man, man... Wat een film. Ik ben altijd al wel onder de indruk geweest van Tati's gave om echt grappige komedie te maken zonder er maar al te veel lawaai bij te maken. Zijn komedie is stiller dan Chaplin's geluidperiode (die nog behoorlijk silent was voor zijn tijd), maar niet minder hilarisch. Hij construeert leuke tot hilarische gags in een knap ontworpen omgeving, waar de sets al even belangrijk zijn voor de grap dan de personages zelf. Maar met Play Time neemt hij quantum leaps met zijn stijl. De film is niet allen ongelooflijk groots gefilmd - hij draaide de film koste wat het kost in 70mm -, maar elke frame is een kunstwerk op zich. Elk klein hoekje in zijn geconstrueerde wereld is haarscherp en draagt bij tot de grap of tot de schoonheid van de film. Net als in Mon Oncle geeft hij hier kritiek op de modernisering van de samenleving, alleen trekt hij het hier tot in het extreme. Heel de film speelt zich af in grijze, hypermoderne gebouwen vol zalen met glazen wanden etc, om er een veritabel doolhof van te maken. Dit accentueert de vervreemding die de mens ervaart van oa. de klassieke architectuur (waar je enkel glimpsen van krijgt in reflecties in het glas) en van zijn medemens. Play Time is dus een bona fide masterpiece, al heeft die imo een net iets te genereuze running time. Bekijk deze film in zo hoog mogelijke definitie en op een zo groot mogelijk scherm. Ik kan niet wachten tot de dag waar ik de kans krijg om dit wonder te mogen aanschouwen in een cinema op 70mm, een van de films waarvan ik het meeste verlang om die in 70mm te zien.
The Descent - 8.5/10 (Neil Marshall, 2005)
De eerste twintig minuten van deze film zouden de filmkijker kunnen doen vermoeden dat deze film een doordeweekse ladies-horror film wordt. Maar gelukkig was Neil Marshall niet van plan om de film te doen smaken bij een puberpubliekje, maar eerder om stevig voer te maken voor de seasoned horror fan die tegen een stootje kan. Een opzet die té simpel lijkt om deze dagen nog iets goed van te maken, ontpopt zich tot een bijzonder straf scenario dat niet alleen voor heel wat terreur en angst zorgt bij de personages, maar er ook in slaagt om onderlinge relaties geloofwaardig uit te werken en alzo de spanning naar een hoger niveau tilt. De film speelt zich af in een grot, waar een groep aanschouwbare grieten aan cave-diving gaan doen - het team is overigens nooit in een grot geweest tijdens de shoot, alles werd nagebootst op de set of met miniaturen gefilmd, hoe moeilijk dat ook is om te geloven. Het claustrofobische gehalte van de film zorgt al voor een serieuze horror factor, die scene na scene wordt geaugmenteerd door heerlijk veel blood and gore; een waarlijk feest voor het oog. De kleurrijke filmstijl is een rechtstreeks gevolg van de keuze om enkel met source lighting te werken (maw, de belichting komt van bronnen die in de film zelf aanwezig zijn). Deze lichtbronnen zijn felkleurige flares en lightsticks, dus elk shot krijgt een strakke blauwe, rode of groene schijn. Dit doet sterk terugdenken aan de Italo-horror filmklassiekers Blood and Black Lace en Suspiria. De film zit voor de rest ook boordevol tributes aan allerlei horror films en thrillers: Deliverance, The Shining, The Thing, Carrie, Apocalypse Now en volgens mij ook The Lord of the Rings. Als ik nu echt een minpuntje moet geven, dan zou het zijn dat sommige van de hand-to-hand combat scenes net iets te schokkerig zijn gefilmd en te snel zijn gemonteerd. Voor de rest een heel erg verfrissende horror film die elke fan van het genre moet zien om geen hoop te verliezen daarin.
Falling Down - 3/10 (Joel Schumacher, 1993)
Waar te beginnen... Laat me zeggen dat ik de film punten geef voor een degelijke openingsscene en voor het knap in beeld brengen van de blazing L.A. hitte. Maar vanaf de tweede scene in de film ging alles meteen een neerwaartse spiraal die onmogelijk goed te maken was. Normaal gezien heb ik niet echt veel te zeggen over de politiek van een film, maar hier was dit gewoon te extreem om te negeren. Falling Down voelde aan als rechtse, haast jingoistische propaganda die een overdreven conservatief en socio-politiek incorrecte man profileert als een held die "jammer genoeg" doorgedraaid is. Dit soort portrettering van personen en ideologieën vind ik onaanvaardbaar en schandalig, en dat men hier kiest om die te vermommen als een "leuke actiefilm", maakt de situatie alleen maar erger voor mij. Falling Down hoort zeker tot die kleine, selecte groep van films waar ik scene na scene goesting kreeg om mijn afstandsbediening zo hard mogelijk tegen mijn scherm te gooien, just to MAKE IT STOP. Tel tussen die schaamteloze rotzooi daar nog die ongelooflijk lame en zelfs irritante "last day on the job" subplot met Robert Duvall, zijn irritante vrouw en die lelijke agente bij, en je krijgt een kutfilm pur sang waarvan Joel Schumacher zich zou moeten schamen dat hij die ooit gemaakt heeft.