mvb
Legacy Member
Naar aanleiding van de discussie over het ingangsexamen geneeskunde op dit forum, heb ik eens de vragen overlopen van vorige examens. Vraag 8 van het gedeelte wiskunde van 2018 gaat als volgt:
N personen van verschillende lengte gaan lukraak in een rij staan. De kans dat door de plaatsverwisseling van precies twee personen de rij netjes geordend is van klein naar groot, bedraagt 1/48.
Hoeveel personen staan in de rij?
Wanneer twee random personen in een random geordende rij van plaats wisselen, gaat het nog steeds om een random geordende rij. De kans dat een random geordende rij van N personen toch geordend is van klein naar groot is 1/N! en dus is de oplossing N waarvoor geldt N! = 48. Dit geldt voor geen enkele gehele waarde van N, maar volgens de verbetersleutel van het examen is het antwoord N = 6.
De enige manier dat ik aan N = 6 geraak, is door de vraag te interpreteren als: "Wat is de kans dat de rij geordend kan worden door 2 personen van plaats te laten verwisselen?"
In dit geval wordt de oplossing: (1 / N!) * (N! / 2! (N-2)!) = 1/48 en dus N=6 (het aantal gunstige rijen delen door het aantal mogelijke rijen).
Zie ik iets over het hoofd of is dit een fout in het ingangsexamen?
www.toelatingsexamenartstandarts.be/sites/default/files/atoms/files/wiskunde arts 2018 geel_0.pdf
N personen van verschillende lengte gaan lukraak in een rij staan. De kans dat door de plaatsverwisseling van precies twee personen de rij netjes geordend is van klein naar groot, bedraagt 1/48.
Hoeveel personen staan in de rij?
Wanneer twee random personen in een random geordende rij van plaats wisselen, gaat het nog steeds om een random geordende rij. De kans dat een random geordende rij van N personen toch geordend is van klein naar groot is 1/N! en dus is de oplossing N waarvoor geldt N! = 48. Dit geldt voor geen enkele gehele waarde van N, maar volgens de verbetersleutel van het examen is het antwoord N = 6.
De enige manier dat ik aan N = 6 geraak, is door de vraag te interpreteren als: "Wat is de kans dat de rij geordend kan worden door 2 personen van plaats te laten verwisselen?"
In dit geval wordt de oplossing: (1 / N!) * (N! / 2! (N-2)!) = 1/48 en dus N=6 (het aantal gunstige rijen delen door het aantal mogelijke rijen).
Zie ik iets over het hoofd of is dit een fout in het ingangsexamen?
www.toelatingsexamenartstandarts.be/sites/default/files/atoms/files/wiskunde arts 2018 geel_0.pdf