Het klassieke gelijkheid vs vrijheid thema.
Ik denk dat de meerderheid van de mensen met enige inzicht in de materie, tot de conclusie komen dat zowel totale vrijheid als totale gelijkheid onwenselijk zijn. Totale gelijkheid is een kaakslag aan de menselijke pluraliteit en sluit het beste uit dat een mensenleven te bieden heeft, daar tegenover kan er geen echte vrijheid bestaan zonder een zekere vorm van gelijkwaardigheid. Wanneer de mensen grenzeloos zoveel mogelijk streven naar vrijheid zal de ene de andere beginnen onderdrukken, wat uiteindelijk zal leiden tot het vergroten van de één zijn vrijheid ten koste van die van de andere. Om dit te corrigeren hebben we een staat met wetten nodig, in de woorden van Lacordaire:
"Entre le fort et le faible, entre le riche et le pauvre, entre le maître et le serviteur, c'est la liberté qui opprime et la loi qui affranchit"
Laten we nu eens kijken naar enkele problemen van de huidige situatie aan de hand van quotes in dit topic.
Bedrijven maken enkel de winst, de verborgen kosten met hun producten zijn voor anderen.
Het is een feit dat het optimale evenwichtspunt voor de gemeenschap niet gelijk is aan het optimale evenwichtspunt voor een particulier bedrijf, hier is er opnieuw overheidsoptreden nodig om van het ene punt naar het andere te gaan.
Iedereen moet dezelfde mogelijkheden krijgen om binnen het kapitalistische systeem hun talenten ten volle te ontplooien en zo eigen geluk en welvaart te kunnen creëren.
De vraag is, is dit wel het geval? Nu kunnen we in de Belgische context gelukkig vaststellen dat er een grote verbetering is door middel van onze sociale welvaartsstaat. Wanneer men er verder over nadenkt, treft men hier een probleem aan binnen het kapitalisme. Ja, vrijheid zorgt ervoor dat we onze talenten kunnen ontplooien, maar binnen de kapitalistische 'groei' logica, is die 'vrijheid tot ontplooiing', maar in zolang 'vrij' als dat er economische vraag is naar die talenten. Er is dus geen sprake van echte vrije ontwikkeling zoals je het zo romantiserend voorstelt, maar van ontplooiing binnen een bepaald kader van vraag en aanbod. Kortom bepaalde talenten, à voir mensen, zullen uit de boot vallen.
Het echte gevaarlijke aan het kapitalisme zijn die lobbygroepen.
Zoals hierboven aangehaald is een functionerende democratie noodzakelijk voor het wenselijk functioneren van een kapitalistische samenleving. Democratie en kapitalisme zijn echter in zekere zin tegenpolen die voortdurend met elkaar in conflict liggen. Ik herinner mij hier een quote van Ari Gold die stelde dat mensen die meer bijdragen dan ontvangen, meer electoraal gewicht zouden moeten hebben. Een illustratie van het conflict tussen democratie dat uitgaat van een gelijkwaardigheidsbeginsel en een economisch kapitalisme, dat juist ongelijkheid nodig heeft om te kunnen bloeien. De democratie moet worden voorzien van voldoende ademruimte, om de echte vrijheid hier boven beschreven te kunnen waarborgen. Daarom zijn lobbygroepen ook zo nefast voor de samenleving.
Het lijkt moeilijk het optimum te vinden tussen vrijheid enerzijds en gelijkheid anderzijds, er bestaat geen juist antwoord en het evenwichtspunt fluctueert duidelijk, laten we toch proberen een abstract, theoretisch antwoord te formuleren. Hiervoor wil ik mij graag richten tot Rawls (ik heb het hier al al een aantal keren geciteerd).
Inequalities should only be permitted if they are to the benefit of society, and especially if they are to the benefit of its least advantaged members.
Het komt er dus op neer dat maatschappelijke ongelijkheid enkel wenselijk is wanneer zij bijdraagt tot de welvaart van de samenleving in haar geheel en iedereen meeprofiteert. Ik denk dat we voor deze stelling wel een grote overlappende consensus kunnen vinden bij die mensen die niet opperen voor totale gelijkheid, noch voor totale vrijheid. Hoe zoiets nu pragmatisch in elkaar zit, is natuurlijk heel moeilijk. Ik zal proberen enkele meer praktische punten op te sommen.
- Mensen moeten behandeld worden vanuit een gelijkwaardigheidsprincipe, hieruit volgt het corrigeren van de ongelijke uitgangspositie tussen mensen. Bestrijden van armoede, bestrijden van elke vorm van discriminatie op grond van ras, geslacht, etc.
- Mensen moeten de vrijheid krijgen om optimaal hun specifieke talenten te ontwikkelen, uniformiteit is verwerpelijk. Onderwijs moet gedragen worden door de gemeenschap en in dienst staan van de ontwikkeling van de mens en niet zozeer in dienst van economische groei.
- De democratie moet vrij zijn van particuliere economische belangen en het algemene belang vooropstellen.
- Het ideale evenwichtspunt voor een bedrijf moet indien van toepassing worden aangepast naar het maatschappelijke evenwichtspunt door Pigou belastingen.