Ik ben geen fan van walking simulators, maar Death Stranding was echt een uitzondering. Het begin was stroef en het duurde een uurtje of twee voor ik er warm voor werd, maar de typische Kojima-elementen hebben ervoor gezorgd dat ik me geen minuut verveelde. Wat die eerste game voor mij zo sterk maakte, was dat hij veel meer was dan alleen maar van punt A naar punt B stappen. Elke levering voelde als een kleine expeditie waarbij je constant moest nadenken over je route, je lading en de risico’s onderweg, terwijl Kojima daar tegelijk een absurd, melancholisch en soms ronduit briljant verhaal rond bouwde. Het resultaat was een game die op papier bijna banaal klinkt, maar in de praktijk iets deed wat weinig grote producties nog durven: risico's nemen met een nieuwe formule en een heel eigen ritme opleggen en daar ook volledig in geloven. Net daarom keek ik zo reikhalzend uit naar Death Stranding 2: On the Beach. Niet omdat ik per se meer van hetzelfde wilde, wel omdat de eerste game...