Stafke van den Daft.
Stafke werkt in ploegen en zijn ploegbaas komt naar hem toe.
Ploegbaas: Stafke, morgen komen prins Filip en Prinse Mathilde naar hier, zorgt dat ge er piekfijn uitziet.
Stafke: Ma baas, ik ken Fille en Mathilleke heel goed, maakt u maar geen zorgen.
Ploegbaas: stopt bij zeveren stafke, zorgt gewoon dat ge in orde zijt.
Stafke: wedden dat ik die ken en als het waar is betaald gij mij een reiske. Ik zal ons bedrijf is aanprijzen bij de prins en prinses.
Ploegbaas: awel das goed ben benieuwd.
Volgende dag staan Prins Filip en prinses Mathilde in het bedrijf en stafke van den Daft komt aan op het bedrijf.
Stafke: Ah Fille en Mathilleke, das lang geleden hoe is het ermee?
Prins en Prinses: Ah Stafke van den Daft, cava he. Ge ziet er goed uit.
De ploegbaas snapt er niks van, maar zoals beloofd mag Stafke op reis gaan. Hij gaat samen met zijne ploegbaas naar Rome. Eens daar aangekomen vraagt de ploegbaas om is naar Vaticaanstad te gaan daar de paus een toepspraak gaat houden.
Stafke: Ah das goed, ik ken de paus héél goed!
Ploegbaas: nu zijt ge ter echt bij aan't zeveren stafke, stopt er maar bij.
Stafke: nee echt, die ken ik al lang. Das mijne beste copain.
Ploegbaas: kom we gaan er naartoe, want ge blijft anders zeveren.
Eens daar aangekomen ziet Stafke de Paus staan en begint naar hem te zwaaien.
Paus: Ah Stafke van den Daft, kom maar naar het balkon vriend.
Stafke: das goed copain, ben drek daar.
De ploegbaas kan zijn ogen niet geloven als hij stafke naar het balkon ziet stappen. Eens daar aangekomen begint Stafke naar zijn ploegbaas te zwaaien. De ploegbaas kan het niet aan en valt bewusteloos op de vloer.
Stafke: Sorry paus, maar mijn ploegbaas is bewusteloos, ik moet gaan.
Paus: Das geen probleem Stafke, ge komt nog maar eens langs.
Eens aangekomen krijgt Stafke zijne ploegbaas weer bij bewustzijn.
Stafke: Awel zijt ge zo verschoten dat ik de paus ken?
Ploegbaas: nee, maar juist stonden hier 2 chineeskes en die zeiden tegen mekaar "wie is dat daar op dat balkon naast Stafke van den Daft?