Ik ben belastingadviseur en ik begrijp de uitleg van jullie finance afdeling ook niet
Cafetariaplanberekening kunnen vrij complex zijn. Er is ook geen apart wettelijk kader voor en werkgevers hebben heel wat vrijheid in hoe ze het implementeren.
Het centrale idee is dat je een bestaand voordeel (maandelijks loon, een bonus, 13de maand, etc.) inruilt voor een ander voordeel. Bij deze omzetting hou je rekening met de (para)fiscale gevolgen voor de werkgever en de werknemer. Meestal is het de bedoeling dat er budgetneutraal gewerkt wordt voor de werkgever en dat het nieuw gekozen voordeel gunstiger belast wordt in hoofde van de werknemer. Soms roomt de werkgever wel een deel van het voordeel af om bijvoorbeeld de extra administratieve lasten van het cafetariaplan te bekostigen.
Een illustratief voorbeeldje:
- Aan de terbeschikkingstelling (dus geen eigendomsoverdracht) van een GSM, tablet of computer hangt een forfaitaire waardering vast voor sociale zekerheid en belastingen. Hierdoor kan je een optimalisatie creëren door een duur belaste bonus om te wisselen voor bv een GSM waar veel minder sociale bijdragen en belasting op verschuldigd zijn.
- Wanneer je effectief een GSM, tablet of computer krijgt van je werkgever (jij wordt dus de eigenaar) is er geen sprake van een terbeschikkingstelling en kan de forfaitaire waardering niet gebruikt worden. Het nieuwe voordeel (de werkelijke waarde van de GSM) zal in dat geval exact hetzelfde belast worden als de bonus die je er voor inleverde.
Ik werk het eerste voorbeeldje nog even cijfermatig uit om aan te tonen dat een cafetariaplan interessant kan zijn.
Bij mijn werkgever werkt het als volgt:
- Budget voor het cafetariaplan komt voort uit de 13de maand. Neem als voorbeeld 3.000 euro.
- Werkgever 'koopt' de GSM aan via een financial lease van 2 jaar. Deze wordt wel volledig geprefinancieerd bij de start van het contract.
- Werkgever stelt de GSM terbeschikking aan de werknemer voor een periode van 2 jaar. Aan het einde van deze periode wordt de GSM eigendom van de werknemer. Deze dient niets meer te betalen aangezien lease volledig geprefinancieerd was.
Stel je maakt geen keuzes in het cafetariaplan dan ziet berekening van je 13de maand er zo uit:
| Bruto WG kost | 3.750,00 |
| - RSZ WG 25% | -750,00 |
| Bruto | 3.000,00 |
| - RSZ WN 13,07% | -392,10 |
| Belastbaar | 2.607,90 |
| - Belasting 53,5% | -1.395,23 |
| Netto | 1.212,67 |
Van een bruto 13de maand van 3.000 euro hou je dus maar 1.212,67 euro over en deze kost je werkgever 3.750 euro. Je kan deze 3.750 ook zien als het totale budget dat beschikbaar is in het cafetariaplan.
Stel je kiest voor een Iphone ter waarde van 1250 euro. Leasekost hiervan in ons opzet is gelijk aan de aankoopwaarde zijnde 1250 euro. Tijdens de terbeschikkingstelling zal de werkgever ook RSZ bijdragen moeten betalen op het VAA. Over de totale looptijd bedraagt dit 18 euro (= 3 euro VAA per maand x 24 maanden x 25% RSZ WG). De totale kostprijs van de Iphone voor de werkgever is dus 1.268 euro.
Als we voor deze iphone kiezen leveren we dus 1.268 euro in van ons budget van 2.750 euro en blijft er nog 2.482 euro over. Dit resterend budget wordt uitbetaald als 13de maand wat volgend resultaat geeft:
| Bruto WG kost | 2.482,00 |
| - RSZ WG 25% | -496,40 |
| Bruto | 1.985,60 |
| - RSZ WN 13,07% | -259,52 |
| Belastbaar | 1.726,08 |
| - Belasting 53,5% | -923,45 |
| Netto | 802,63 |
Tijdens de terbeschikkingstelling zal de werknemer belast worden op het VAA. Dit geeft volgend resultaat over de gehele looptijd:
| VAA | 72,00 |
| - RSZ WN 13,07% | -9,41 |
| Belastbaar | 62,59 |
| - Belasting 53,5% | -33,49 |
| - VAA (want geen echt loon dat uitbetaald wordt) | -72,00 |
| Netto | -42,90 |
Aan het einde van de rit heeft de werknemer dus 1.268 euro budget ingeleverd wat overeenkomt met 1.014,40 euro bruto of 452,94 netto (= 410,05 euro minder netto 13de maand en 42,90 euro meer belasting gespreid over de 2 jaar). In ruil heeft hij wel een iphone ter waarde 1250 euro wat een totaal voordeel betekend van 797,06 euro.
Om het verhaal compleet te maken dien ik ook nog te vermelden dat er een zeer kleine impact is op de opgebouwde pensioenrechten later omdat er minder sociale bijdragen betaald zijn.