Waarde BG vriendjes,
Mocht dit bericht ooit het daglicht zien, weet dan dat hij geschreven werd in de rij van de supermarkt, alwaar de tijd stilstaat, de hoop verdampt en de band tergend langzaam piept als een stervende muis.
Ik sta hier nu al zó lang dat ik intussen een emotionele band heb opgebouwd met de vrouw voor mij, FFS we hebben ondertussen zodanig veel tijd met elkaar doorgebracht in de fucking file en elkaar zo goed leren kennen dat we een sexdate geregeld hebben. Ik ken zelfs haar levensverhaal. Ze heeft drie katten, een meniscusprobleem en twijfels over magere yoghurt. Achter mij staat een man die ondertussen zijn volledige jeugdtrauma heeft verwerkt door passief-agressief te zuchten.
De oorzaak van deze file is niet één reden, neen, het is een symfonie van rampspoed.
Ten eerste:
De kassierster is nieuw. Dat is niet erg. Iedereen was ooit nieuw. Maar deze leert het vak via live filosofische reflectie. Elke barcode wordt bekeken alsof het een raadsel van de Sfinx is. Piep. Stilte. Blik omhoog. “Is dit… broccoli?” Fucking teef, het IS broccoli. Het schreeuwt broccoli. Het ruikt broccoli.
Ten tweede:
De man helemaal vooraan wil met exact gepast geld betalen. Hij heeft het. Hij weet het. Maar het zit verspreid over vier broekzakken, een jaszak, een portefeuille uit 1998 en — waarom niet — zijn sok. Elke munt wordt afzonderlijk gewogen, bewonderd en terug in omloop gebracht. Intussen is Europa overgestapt op een nieuwe munt, maar hij weigert principieel. Sterf en maak plaats voor jongere mensen ouwe fosiel van mijn harige dikke zak!
Ten derde:
Een prijsverschil. Op het schap stond 2,39 euro. Aan de kassa 2,41. TWEE CENT. Dit wordt juridisch uitgevochten. Er wordt iemand geroepen. Dan nog iemand. Er ontstaat een comité. De winkelmanager komt, die er ook niets van snapt maar wel ernstig knikt met een blik op oneindig. Ik voel hoe mijn ziel langzaam de winkel verlaat richting parking.
Ten vierde:
Een kind begint te huilen. Ik ook, maar innerlijk.
Ten vijfde (en dit breekt mij):
Er is een kortingsbon. Een digitale kortingsbon. De gsm blijkt plat te zijn. De klant zoekt een stopcontact. Iemand stelt voor om het toestel aan de defibrillator te hangen. We wachten. De gsm leeft weer. De app crasht.
Ten zesde:
De band stopt. Niemand weet waarom. Er wordt op geklopt. Er wordt op geblazen. Iemand zegt: “Hij doet dat soms.” SOMS?! Deze band heeft duidelijk existentiële problemen en weigert vandaag nog mee te draaien in dit kapitalistisch toneelstuk.
Beste lezer,
Ik ben hier nu zo lang dat mijn ijs aan het smelten is en mijn diepvriespizza intussen een lasagne geworden is. Mijn boodschappenlijst is irrelevant geworden. Mijn leven vóór deze rij voelt als een mythe.
Mocht ik hier ooit uit geraken, weet dan:
ik zal nederig zijn.
ik zal geduldig zijn.
ik zal nooit meer zeggen “ik spring snel even binnen om daarna weer mijn homeworking te hervatten”.
Met kloppend hart en verkrampte kuit,
Befferke
Gestrand tussen kauwgom en wanhoop,
Kassa 3, rij links, ergens in de eeuwigheid.FML