Met Stygian: Outer Gods brengt Misterial Games een tweede luik van het grimmige Stygian-universum na de Lovecraftiaanse horrorgame Stygian: Reign of the Old Ones. De titel verschijnt op 14 april 2025 in Early Access voor pc en is geen rechtstreekse sequel, maar vindt plaats vlak voor de beruchte Black Day. De game poogt een survival-ervaring te bieden met bizarre wezens die zo uit de verhalen van H.P. Lovecraft lijken geplukt, terwijl het psychologische horroraspect vooral draait rond de mentale gezondheid van de protagonist. Later verschijnen nog versies voor PlayStation 5 en Xbox Series X|S.
Wat begint als een zoektocht naar antwoorden, mondt al snel uit in een regelrechte nachtmerrie. Tijdens de bootreis vergaat het schip, en Jack spoelt als enige – zo lijkt het toch – aan op de kust van Kingsport. Wat daarna volgt, voelt als een kruising tussen Resident Evil: Village, dankzij een desolate, griezelige locatie vol grommende zombies die in alles hun tanden willen zetten, en typische delirium dat alleen een Lovecraft-game kan brengen, met magische bezweringen die de menselijke anatomie beïnvloeden, gemuteerde honden die je zo zouden verslinden, en verstikkende flora die alles overwoekert. Klopt, visueel en qua concept, inclusief de dreiging, zit het al vanaf het begin zeker goed. Qua gameplay botst het spel echter meteen met het overkoepelende angstaanjagende narratief. Want tegelijk worden de missies die je meteen op je bord krijgt, zonder veel opbouw of mysterie gepresenteerd, oftewel: maak je borst maar nat voor meerdere fetch quests.
Jack beschikt over een kaart (jammer genoeg zonder mogelijkheid om zelf markeringen aan te brengen), een logboek, een inventory en een wapenriem. Van bij aanvang draag je een oneindig werkende aansteker op zak die tegelijk met een eenhandig wapen gebruikt kan worden. Gaandeweg verzamel je wapens die oplopen qua aan te richten schade, zowel bij vijanden als barricades: een mes, een sikkel, een bijl, een sloophamer en vuurwapens zoals een pistool, een shotgun en een rifle.
Passieve perks – zoals Heavy Strike, geruisloos sluipen of communiceren met doden – heten in deze game Talents, welke je ontgrendelt door spelkaarten te vinden en deze te activeren in het menu. Ook zitten er een aantal survivalelementen (van de kou bevriezen, oplopen van bloedingen tot zelfs botten breken) verweven in de gameplay, evenals crafting. Wapens moet je vinden in de spelwereld ofwel kopen bij een van de verkopers, maar munitie en genezende items kun je zelf vervaardigen aan een werkbank, op voorwaarde dat je voldoende grondstoffen verzameld hebt.
Tijdens combat wordt het gebrek aan finesse weliswaar pijnlijk duidelijk. Vijanden bewegen nogal traag, dus raken je snel kwijt, en een hindernis – zoals een houten krat – plaatsen om ze tegen te houden werkt verrassend goed, omdat ze vaak blijven steken in hun scripted paden. Ook hebben je tegenstanders een veel te ruime aanvalsradius, want ze slaan je zelfs door muren en obstakels heen. De impact van schoten is ook minimaal want echte terugslag is er niet. Daarnaast zijn de lichtere mêlee-wapens zo goed als nutteloos in een één-tegen-één gevecht wegens je te snel leeglopende stamina. Het ontbreken van sneltoetsen om te wisselen tussen wapens en items vond ik al even onhandig als frustrerend. Opslaan kan enkel aan spiegels in de hideouts van NPC’s, en omdat de automatische opslagmomenten soms ver uit elkaar liggen, is het een must om hiervan gebruik te maken. Momenteel zijn er overigens drie moeilijkheidsgraden beschikbaar, en spijtig genoeg kun je deze keuze achteraf niet meer aanpassen.
Stygian: Outer Gods maakt gebruik van Unreal Engine 5 en dat resulteert in een adembenemend, ondergesneeuwd Kingsport dat zo als DLC had kunnen toegevoegd worden aan Resident Evil: Village. Maar aan de prestaties van deze Early Access-versie is er helaas nog flink wat werk. Op de Epic-instellingen zakte de framerate richting de 40 FPS, terwijl de High-preset gemiddeld 100 FPS opleverde. Geavanceerde opties zoals upscaling, Frame Generation, Global Illumination en Ray Reconstruction zijn weliswaar aanwezig. De karaktermodellen bewegen amper, maar hun uiterlijk kan er zeker mee door; alleen de lipsync is ondermaats. Af en toe had ik te kampen met bugs zoals zwevende NPC’s of stukgeslagen objecten die netjes bleven staan of hangen. Het meest vervelende waren echter wel die sporadische crashes afkomstig van de Unreal Engine zelf met, tot tweemaal toe, corrupte savegames tot gevolg.
Op en top Lovecraft in een Resident Evil-setting
Het is 1920. Jack Harrison, een door oorlog en expedities getekende man, wordt wakker na een zoveelste vreemde nachtmerrie – of was het een visioen? – aan zijn bureau in het miezerige Arkham. Op de salontafel ligt een brief van Victoria Fredkin, een jeugdvriendin en expert in het occulte, waarin ze hem uitnodigt voor een onderzoeksexpeditie naar Kingsport, een obscuur havenstadje. Haar vraag komt niet ongelegen want het is net daar waar Jacks vader, een ontdekkingsreiziger geobsedeerd door Afrikaanse artefacten en het bovennatuurlijke, een poosje geleden verdween.Visueel en qua concept, inclusief de dreiging, zit het al vanaf het begin zeker goed.
Wat begint als een zoektocht naar antwoorden, mondt al snel uit in een regelrechte nachtmerrie. Tijdens de bootreis vergaat het schip, en Jack spoelt als enige – zo lijkt het toch – aan op de kust van Kingsport. Wat daarna volgt, voelt als een kruising tussen Resident Evil: Village, dankzij een desolate, griezelige locatie vol grommende zombies die in alles hun tanden willen zetten, en typische delirium dat alleen een Lovecraft-game kan brengen, met magische bezweringen die de menselijke anatomie beïnvloeden, gemuteerde honden die je zo zouden verslinden, en verstikkende flora die alles overwoekert. Klopt, visueel en qua concept, inclusief de dreiging, zit het al vanaf het begin zeker goed. Qua gameplay botst het spel echter meteen met het overkoepelende angstaanjagende narratief. Want tegelijk worden de missies die je meteen op je bord krijgt, zonder veel opbouw of mysterie gepresenteerd, oftewel: maak je borst maar nat voor meerdere fetch quests.
Diverse spelmechanics: sommige diepgaand, andere simplistisch
En toch heeft de gameplay wel degelijk veel te bieden. Bij het begin van het verhaal bepaal je namelijk - in de badkamer, voor een beslagen spiegel - via een meerkeuzevragenronde wat de sterktes en zwaktes van Jack zijn. Vaardigheden zoals Sanity, Insanity Resistance, Lockpicking, Occult, Speech, Cold en Fire Resistance hebben immers allemaal hun impact op de gameplay. Een hoge Occult-waarde laat je bijvoorbeeld vreemde voorwerpen inspecteren zonder dat je mentale averij oploopt, terwijl een goede Speech-skill je in staat stelt om overtuigend te liegen of succesvol te onderhandelen tijdens cruciale dialogen.Jack beschikt over een kaart (jammer genoeg zonder mogelijkheid om zelf markeringen aan te brengen), een logboek, een inventory en een wapenriem. Van bij aanvang draag je een oneindig werkende aansteker op zak die tegelijk met een eenhandig wapen gebruikt kan worden. Gaandeweg verzamel je wapens die oplopen qua aan te richten schade, zowel bij vijanden als barricades: een mes, een sikkel, een bijl, een sloophamer en vuurwapens zoals een pistool, een shotgun en een rifle.
Passieve perks – zoals Heavy Strike, geruisloos sluipen of communiceren met doden – heten in deze game Talents, welke je ontgrendelt door spelkaarten te vinden en deze te activeren in het menu. Ook zitten er een aantal survivalelementen (van de kou bevriezen, oplopen van bloedingen tot zelfs botten breken) verweven in de gameplay, evenals crafting. Wapens moet je vinden in de spelwereld ofwel kopen bij een van de verkopers, maar munitie en genezende items kun je zelf vervaardigen aan een werkbank, op voorwaarde dat je voldoende grondstoffen verzameld hebt.
Veel meer dan een walking sim met combat
De besturing van Stygian: Outer Gods voelt initieel aan als die van een walking simulator met gevechtselementen erbovenop, maar biedt meer dan dat. Jack kan aanvallen blokkeren met gebalde vuisten of met een wapen, en beschikt ook over een aparte magische kracht, genaamd Scry. Met deze laatste kun je onzichtbare voetsporen zien die je naar onmogelijke locaties kunnen brengen, erg vergelijkbaar met het mechanisme uit Sherlock Holmes: The Awakened. Ook kun je met deze superkracht de rode, overwoekerende planten vernietigen en verborgen puzzeloplossingen onthullen. Lockpicking daarentegen blijkt dan weer heel simplistisch uitgewerkt, want dat is louter gebaseerd op je vaardigheidslevel. Je houdt gewoon een knop ingedrukt, en in het slechtste geval dien je dat een paar keer over te doen.Tijdens combat wordt het gebrek aan finesse weliswaar pijnlijk duidelijk. Vijanden bewegen nogal traag, dus raken je snel kwijt, en een hindernis – zoals een houten krat – plaatsen om ze tegen te houden werkt verrassend goed, omdat ze vaak blijven steken in hun scripted paden. Ook hebben je tegenstanders een veel te ruime aanvalsradius, want ze slaan je zelfs door muren en obstakels heen. De impact van schoten is ook minimaal want echte terugslag is er niet. Daarnaast zijn de lichtere mêlee-wapens zo goed als nutteloos in een één-tegen-één gevecht wegens je te snel leeglopende stamina. Het ontbreken van sneltoetsen om te wisselen tussen wapens en items vond ik al even onhandig als frustrerend. Opslaan kan enkel aan spiegels in de hideouts van NPC’s, en omdat de automatische opslagmomenten soms ver uit elkaar liggen, is het een must om hiervan gebruik te maken. Momenteel zijn er overigens drie moeilijkheidsgraden beschikbaar, en spijtig genoeg kun je deze keuze achteraf niet meer aanpassen.
Over "waanzinnig" geluid, en minder waanzinnige grafische prestaties
Hoewel Jack monologen voert die – los van het inhoudelijke – degelijk ingesproken zijn, blijft hij opvallend stil tijdens gesprekken. Ook NPC’s blijken in deze versie vaak geen stem te hebben. Gelukkig maakt de audio het onheil in Kingsport wél een stuk tastbaarder. Die steeds harder tikkende klok, de fluisterende stemmen in Jacks hoofd wanneer zijn sanity afneemt en de waanzin aldus toeneemt, de onverwacht dichtslaande deuren, en het gegrom van de vele vervaarlijke wezens in Kingsport maken de ervaring meteen een stuk spannender.Aan de prestaties is er helaas nog flink wat werk.
Stygian: Outer Gods maakt gebruik van Unreal Engine 5 en dat resulteert in een adembenemend, ondergesneeuwd Kingsport dat zo als DLC had kunnen toegevoegd worden aan Resident Evil: Village. Maar aan de prestaties van deze Early Access-versie is er helaas nog flink wat werk. Op de Epic-instellingen zakte de framerate richting de 40 FPS, terwijl de High-preset gemiddeld 100 FPS opleverde. Geavanceerde opties zoals upscaling, Frame Generation, Global Illumination en Ray Reconstruction zijn weliswaar aanwezig. De karaktermodellen bewegen amper, maar hun uiterlijk kan er zeker mee door; alleen de lipsync is ondermaats. Af en toe had ik te kampen met bugs zoals zwevende NPC’s of stukgeslagen objecten die netjes bleven staan of hangen. Het meest vervelende waren echter wel die sporadische crashes afkomstig van de Unreal Engine zelf met, tot tweemaal toe, corrupte savegames tot gevolg.
Conclusie
Tijdens deze preview werd vooral duidelijk dat Stygian: Outer Gods echt wel veel tegelijk wil. Diepgaande dialoog- en vaardigheidssystemen aanbieden, het verenigen van een walking sim met – weliswaar simplistische – puzzels, combat, survival, stealth in een Resident Evil-achtig decor met Lovecraftiaanse invloeden... Deels slaagt het daar ook in. Ja, het concept wist me zeker te intrigeren, maar er is wel degelijk nog veel werk aan deze game. Voor een betere immersie moeten de NPC’s en Jack zelf tijdens dialogen echt van stemmen voorzien worden, er zijn die typische prestatieproblemen van Unreal Engine 5 inclusief crashes, en ook de besturing en de AI tijdens combat moeten nog bijgesteld worden. Inderdaad, veel condities, maar dan zou dit wel eens een knappe game kunnen worden.
Over
Beschikbaar vanaf
14 april 2025
Gespeeld op
- PC
Beschikbaar op
- PC
Genre
- Horror
- Survival
Ontwikkelaar
- Misterial Games
Uitgever
- Fulqrum Publishing
Website
Laatst bewerkt door een moderator: