De zomermaanden zijn traditiegetrouw de periode van het jaar waarin de grote studio's collectief denken dat gamers hun controllers inruilen voor flipflops. Er komt gewoon tijdelijk even niets nieuws van AAA-status op de markt. Het biedt de kans bij uitstek voor kleinere games om van onder de radar verrassend aan het oppervlak te komen en aandacht te krijgen die ze in de drukke maanden nooit zouden krijgen. Op die manier kwam Nobody Wants to Die op mijn pad, een game die zo ontzettend slecht gemarket is dat er enkel een kleine intrigerende trailer was om de aandacht mee te trekken. Die trailer maakte indruk omdat het nauwelijks over wist te brengen waar de game nou werkelijk om draaide, maar in de zomer heb je genoeg aan detective spelen in een cyberpunk-setting als verkooppraatje.
Nobody Wants to Die van de debuterende studio Critical Hit Games dus, een intrigerende titel gekoppeld aan een intrigerende setting die voornamelijk neerkomt op een grotendeels narratieve ervaring. Na Still Wakes the Deep in juni is ook dit een game die het nagenoeg volledig van verhaalvertelling en sfeerschepping moet hebben en niet bepaald van gameplay. Dat is niet noodzakelijk een probleem, zo lang je er maar met de juiste verwachtingen aan begint en de componenten solide zijn. Gelukkig dan ook dat Nobody Wants to Die veel thematisch goud uit de setting weet te ontginnen.
Zie je, wanneer je 21 wordt, moet je kunnen betalen om je lichaam te kunnen blijven gebruiken. Wanneer je die betaling niet kunt voldoen, dan wordt je lichaam in beslag genomen en je bewustzijn in een databank opgeslagen tot iemand een nieuw lichaam voor je kan kopen. Het is in deze futuristische hel dat we kennismaken met James Karra. Oorspronkelijk een honkbalster, maar ruim een eeuw ouder en twee steeds minder atletische lichamen verder een detective met een depressie en een drankprobleem. Hij krijgt een laatste kans om zijn leven terug op de rails te krijgen wanneer hij uit zijn schorsing wordt gehaald om een zelfmoord op te lossen.
Het is uiteindelijk geen spoiler lijkt me om te zeggen dat het neerkomt op rijke smeerlappen die het warme dekentje van onsterfelijkheid en macht misbruiken om hun perversiteiten bot te laten vieren op de onderklasse. In dat opzicht voelt de game daadwerkelijk als een neo-noir thriller, een soort hardboiled Mickey Spillane detectiveverhaal waarin de eenzame detective het opneemt tegen een corrupte elite. De game steekt die invloeden ook niet onder stoelen of banken. Het is een futuristische setting, maar de wagens die rondvliegen en het artdesign ademen de sfeer van ouderwetse gangsterfilms uit de jaren '40 uit.
Het is allemaal vrij simpel qua opzet en als je wat vast komt te zitten kun je zelfs een hint vragen die letterlijk toont welk hulpmiddel je nodig hebt. Het zet des te harder in de verf hoe ondergeschikt de eigenlijke gameplay wel is aan de verhaalvertelling. Net zoals de gadgets die Karra tot zijn beschikking heeft, voelt de gameplay vooral als een hulpmiddel om het narratief aan een vrij vlot tempo vooruit te stuwen. Zelfs het vormen van je hypothese rond de uitkomst van de zaak is vrij simpel qua opzet. Je krijgt alle stukjes bewijs die je hebt verzameld op een bord en mag die stukjes gewoon in elkaar blijven klikken tot de puzzel past. Er is geen gevaar om het mis te hebben met gameplay die je bij de hand neemt om het verhalende pad te blijven volgen.
Nobody Wants to Die van de debuterende studio Critical Hit Games dus, een intrigerende titel gekoppeld aan een intrigerende setting die voornamelijk neerkomt op een grotendeels narratieve ervaring. Na Still Wakes the Deep in juni is ook dit een game die het nagenoeg volledig van verhaalvertelling en sfeerschepping moet hebben en niet bepaald van gameplay. Dat is niet noodzakelijk een probleem, zo lang je er maar met de juiste verwachtingen aan begint en de componenten solide zijn. Gelukkig dan ook dat Nobody Wants to Die veel thematisch goud uit de setting weet te ontginnen.
Hemel en Hel
Dat de game op thematisch vlak enorm veel leent bij andere verhalen die in de Cyberpunk-setting zijn verteld, werkt gek genoeg in het voordeel van Nobody wants to Die. Het heeft elementen van Blade Runner en ander werk van Philip K. Dick, maar ook Altered Carbon van Richard K. Morgan, en dat resulteert in een potente mengelmoes van ideeën en genres. Het is in essentie een jaren '40 noir detectiveverhaal in een dystopisch New York in het jaar 2339, en uiteraard levert dat dividenden op wanneer het aankomt op verhaalvertelling. Het toekomstbeeld dat Nobody wants to Die brengt, is in elk geval behoorlijk pervers. De mensheid is er namelijk in geslaagd om de dood te belazeren en ervoor te zorgen dat het bewustzijn gewoon ad infinitum kan verplaatst worden naar een nieuw lichaam wanneer het oude is opgebruikt. Klinkt hemels op papier misschien, maar in realiteit zorgt het voor een nachtmerrie waarin de rijken in eeuwigheid kunnen leven in luxe en arme sloebers gewoon vee zijn.Zie je, wanneer je 21 wordt, moet je kunnen betalen om je lichaam te kunnen blijven gebruiken. Wanneer je die betaling niet kunt voldoen, dan wordt je lichaam in beslag genomen en je bewustzijn in een databank opgeslagen tot iemand een nieuw lichaam voor je kan kopen. Het is in deze futuristische hel dat we kennismaken met James Karra. Oorspronkelijk een honkbalster, maar ruim een eeuw ouder en twee steeds minder atletische lichamen verder een detective met een depressie en een drankprobleem. Hij krijgt een laatste kans om zijn leven terug op de rails te krijgen wanneer hij uit zijn schorsing wordt gehaald om een zelfmoord op te lossen.
Potpourri van invloeden
Alleen is het niet gewoon een simpele zelfmoord, dat is het zelden in verhalen als dit. Hoewel de superieuren van James de zaak snel geklasseerd willen zien, blijkt al snel dat er heel wat meer aan de hand is. Veel meer prijsgeven over de ontwikkeling van het verhaal zou zonde zijn, maar je krijgt exact voorgeschoteld wat je zou verwachten wanneer een harde flik die het niet te nauw neemt met de regels of zijn eigen zelfbehoud zich vastbijt in een zaak die meer wendingen heeft dan de Ride to Happiness. Er zijn samenzweringen om aan het licht te komen en vooral schuldigen te straffen.Het is uiteindelijk geen spoiler lijkt me om te zeggen dat het neerkomt op rijke smeerlappen die het warme dekentje van onsterfelijkheid en macht misbruiken om hun perversiteiten bot te laten vieren op de onderklasse. In dat opzicht voelt de game daadwerkelijk als een neo-noir thriller, een soort hardboiled Mickey Spillane detectiveverhaal waarin de eenzame detective het opneemt tegen een corrupte elite. De game steekt die invloeden ook niet onder stoelen of banken. Het is een futuristische setting, maar de wagens die rondvliegen en het artdesign ademen de sfeer van ouderwetse gangsterfilms uit de jaren '40 uit.
New York Noire 2339
Het verhaal staat op de voorgrond van Nobody Wants to Die, en is gelukkig scherp genoeg uitgewerkt om de aandacht vast te houden. Het stemmenwerk tussen Karra en zijn jonge partner Sara die hem begeleidt via zijn oortje legt dan ook veel meer gewicht in de schaal dan de eigenlijke gameplay. Het effectieve spelen komt namelijk neer op het onderzoeken van de crime scenes met behulp van je futuristische tools en daar deducties uit samenstellen. Als dat klinkt als een wat beknopte versie van wat L.A. Noire tien jaar geleden deed, dan is dat omdat het effectief zo aanvoelt. Je gebruikt X-ray om verborgen kabels en ruimtes op te sporen, ultravioletlicht om bloedsporen te ontdekken en een handige tool genaamd de Reconstructor om de tijd te manipuleren en zo te ontdekken hoe de vork aan de steel zit.Nobody Wants to Die steekt geen moment onder stoelen of banken dat de gameplay louter een vehikel voor verhaalvertelling is.
Het is allemaal vrij simpel qua opzet en als je wat vast komt te zitten kun je zelfs een hint vragen die letterlijk toont welk hulpmiddel je nodig hebt. Het zet des te harder in de verf hoe ondergeschikt de eigenlijke gameplay wel is aan de verhaalvertelling. Net zoals de gadgets die Karra tot zijn beschikking heeft, voelt de gameplay vooral als een hulpmiddel om het narratief aan een vrij vlot tempo vooruit te stuwen. Zelfs het vormen van je hypothese rond de uitkomst van de zaak is vrij simpel qua opzet. Je krijgt alle stukjes bewijs die je hebt verzameld op een bord en mag die stukjes gewoon in elkaar blijven klikken tot de puzzel past. Er is geen gevaar om het mis te hebben met gameplay die je bij de hand neemt om het verhalende pad te blijven volgen.
Kleinschalige grandeur
Die beperkte gameplay zou voor veel games een doodsteek kunnen zijn, maar Nobody Wants to Die is gewoon te sterk in het scheppen van een geloofwaardige wereld en te sterk in het vertellen van een boeiende thematisch rijke verhaallijn binnen die setting om het de game aan te wrijven. Dat de game met weinig middelen best veel weet te bereiken maakt alles des te indrukwekkender. Ondanks de kleine locaties die je bezoekt en weinige andere personages waar je interactie mee hebt, weten de makers je de illusie te geven dat je onderdeel bent van een immense stad. Of dat nu gaat om vliegende auto’s in de verte of natuurlijk aanvoelende dialogen, het is een masterclass in smoke and mirrors. Het is dat soort ambitieus hef en tilwerk met relatief beperkte middelen dat dit een best indrukwekkend debuut maakt voor Critical Hit Games.Conclusie
Nobody Wants to Die is een verfrissende calippo op een warme zomerdag. De gameplay is flinterdun, maar de smaken en invloeden zitten meer dan goed. Met elementen van het betere cyberpunkwerk als Blade Runner en Altered Carbon verweven met keiharde pulpy noir weet Critical Hit Games dan ook indruk te maken met een sterk uitgewerkt detectiveverhaal.
Pro
- Verhaalvertelling en sfeerschepping is sterk
- Goeie dialogen vloeien organisch
- Ziet er indrukwekkender uit dan het eigenlijk is vanuit een technisch standpunt
Con
- Puzzels zijn doodeenvoudig
8
Over
Beschikbaar vanaf
17 juli 2024
Gespeeld op
- PlayStation 5
Beschikbaar op
- PC
- PlayStation 5
- Xbox Series X|S
Genre
- Adventure
Ontwikkelaar
- Critical Hit Games
Uitgever
- PLAION