"Irak naar het stenen tijdperk bombarderen"
Op 17 januari 1991 begon de westerse alliantie onder leiding van de Verenigde Staten en Groot-Brittannië de Golfoorlog met een bommenregen op Bagdad. Ze streefden ernaar om Irak niet alleen militair, maar ook economisch te vernietigen. De militaire aanval op Irak was in de eerste plaats gericht op Irak's industriële infrastructuur. James Baker, VS-minister van Buitenlandse Zaken, verwoordde openlijk de bedoeling van de VS tegen de Iraakse vice-premier Tariq Aziz tijdens de onderhandelingen in Genéve, op 9 januari 1991: "We zullen Irak terug naar het stenen tijdperk bombarderen".
De Golfoorlog die het Westen een week later ontketende, zag een nog nooit vertoonde massale inzet van militaire middelen. Honderdduizenden tonnen explosieven werden op Irak gedropt. Niets mocht worden gespaard. Generaal Michael Dougan, toen stafchef van de Amerikaanse luchtmacht: "Wegen, spoorwegen, krachtcentrales: een mooie lijst van doelen, maar niet genoeg. Het sluitstuk wordt Bagdad". Generaal Dougan was er voorstander van om doelwitten te nemen die voor de Iraki's van grote waarde waren, ook cultureel. Psychologisch zou dat een grote impact hebben op de Iraakse regering.
De westerse vliegtuigen viseerden alle economische doelwitten. Elektriciteitsstations en olieraffinaderijen. Telecommunicatiessystemen, transportvoorzieningen, havens en depots. De voedselvoorziening van de bevolking, waterzuiveringsinstallaties, het irrigatiesysteem voor de landbouw. Dit toont aan dat het vernietigen of op zijn minst het breken van de Iraakse bevolking zelf op het militaire programma stond. En toen dit na veertig dagen bombardementen niet gelukt was, moest een aanhoudend embargo dit vernietigingswerk verderzetten.
Onderwijs en cultuur getroffen
De economische impact van het embargo is nauwelijks te schatten. Vandaag is bijna 60% van de beroepsbevolking in Irak werkloos. De vroeger door oliegelden gefinancierde sociale voorzieningen zijn uitgehold. De gevolgen voor de gezondheid en de gezondheidszorg worden elders beschreven (zie artikel p.). Maar ook het onderwijs en de cultuur zijn het slachtoffer.
In Irak groeit een generatie op wiens vooruitzichten op de toekomst niet rooskleurig zijn. Het onderwijs heeft te lijden onder grote materiële tekorten, maar heeft ook af te rekenen met veel afwezigheden op school, zowel van leerlingen als van onderwijzend personeel, omdat iedereen verplicht is andere bezigheden te hebben om geld in het laatje moeten brengen, om in leven te blijven.
Kinderen gaan werken in plaats van naar school te gaan. Anupama Rao Singh, directeur van Unicef in Irak, zegt dat waar vroeger de oliedollars een weelde betekenden voor het onderwijs, wordt nu de basis voor onderwijs gemist. "Op het einde van de jaren '90 gaat slechts 67% van de kinderen vanaf 6 jaar nog naar school", verklaarde hij. 55 % van de huidige schoolgebouwen zijn niet meer geschikt om les te geven. Het gebrek aan stromend water, standaarduitrusting en onderwijzend personeel leidt tot het afhaken van leerlingen. Vroeger ontvingen de ouders alle benodigdheden voor hun schoolgaande kinderen, nu moeten zij daar zelf zorg voor dragen. Het geld dat voor het onderwijs beschikbaar is door het Olie-voor-Voedsel-programma, is veel te weinig.
Ondanks het embargo lukt het blijkbaar toch om kunstschatten tegen forse betaling uit Irak te laten wegroven. Ze worden in Brussel en Londen te koop aangeboden. Belangrijke archeologische sites in Irak moeten bewaakt worden om de diefstallen en vernietigingen te voorkomen. Iraakse intellectuelen verlaten in bosjes het land om elders een nieuwe toekomst op te bouwen. Iraakse asielzoekers zijn meestal goed opgeleide mensen, die omwille van de ellende in eigen land hun heil elders zoeken.
Zoals in Vietnam?
Het Iraakse volk is, ondanks alle ellende door oorlog en embargo, niet verslagen. Dat constateerde ook Hans von Sponeck, die bij zijn vertrek uit Irak zei: "Ik laat een volk achter dat ongelooflijk moedig is, dat overleeft temidden van zoveel moeilijkheden. Die mensen blijven verdraagzaam en gastvrij. Maar hoelang zullen ze dat nog blijven, als ze zo blijven lijden onder de sancties? Voor hen is elke dag een strijd. Dat men zich niet laat verblinden door de lichtreclames en de grote winkels van Bagdad. De overgrote meerderheid van de Iraki's zit met enorme materiële en psychologische problemen. Al ben ik dan niet langer de VN-coördinator in Irak, ik zal me blijven uitspreken over de situatie in dat land."
Dat Irak blijft weerstand bieden, roept herinneringen op aan het verzet van het Vietnamese volk tegen de grootste supermacht ter wereld. Op een receptie voor de Vietnamese minister Nguyen Tang Dung zei de Iraakse president Saddam Hoessein Saddam: "Zoals in Vietnam, zullen de VS ook in Irak verslagen worden. Irak zal zich blijven verzetten tegen de VS-agressie. Op dezelfde wijze als de VS gedwongen werden, direct of indirect, hun nederlaag in Vietnam toe te geven, zullen zij gedwongen worden hun nederlaag in Irak toe te geven."
Als ik DIT lees he, dan krijg ik een diepe haat tegen Bush, de Amerikaanse regering en alle domme kloten die dat Bush zoals paarden met oogkleppen volgen. Mijn bloed begint daar echt van te koken. Denk niet dat DIT de beste oplossing is en denk niet dat dit iets is voor de bevolking van dat land gelukkig te maken. Dat die een diepe haat hebben ontwikkeld tegen Amerika vind ik normaal, ze hebben hem zelf veroorzaakt!!
bron :
http://www.vcp.nu/actiedag/irak/zegen_vloek.htm