Nederlands: moedertaal
Engels: niveau zou C2 moeten zijn, of hoe heet dat ook weer; in ieder geval vloeiend.
Frans: er staat wat haar op, maar omdat ik in de omgeving van Brussel studeer, hou ik het nog ietwat op peil. Helaas maar matig dus.
Duits: passief heb ik gemerkt dat het nog goed ging, actief daarentegen.

Deens: drie jaar gestudeerd, momenteel is het wel stof aan het verzamelen, al ging deze zomer nog vlot toen ik eens met een Deen stond te converseren.
Zweeds: tweede jaar nu, begint stilaan op iets te lijken.
Noors: Bokmål kan ik zo goed als volledig lezen dankzij Deens en Zweeds; Nynorsk iets minder goed, maar ik snap nog altijd het meeste wanneer ik iets lees. Spreken en schrijven: iets dat er op lijkt; ik weet alleen min of meer waar de verschillen met Deens en Zweeds zitten, en weet vaagweg iets van de uitspraak: het lijkt er dus wel op, en ze zullen daar weten wat ik bedoel, maar echt kunnen is toch nog net iets anders.
IJslands: ooit eens aan begonnen mede dankzij de kennis van verwante talen kan ik daar ook nog iet of wat van lezen. Ik heb gemerkt dat ik de meeste Germaanse talen tot op redelijke hoogte kan lezen met de achtergrond die ik heb opgebouwd.
Spaans: ooit nog een beetje geleerd, maar daar schiet momenteel ook weinig van over, moet ik ook ooit nog eens deftig leren.
En dan nog wat verwaarloosbare onzin in een handjevol andere talen.
