Emerxill zei:
Een paar jaar geleden heb ik hier in de kelder van het huis dat we gekocht hebben een ongeopend flesje Westmalle gevonden zonder etiket gevonden.
Het flesje ziet er vrij oud oud en het lijkt erop dat dit flesje uit de tijd komt dat er nog geen etiketten geplakt werden op trappisten (of andere bieren).
Iemand een idee wat zo iets "waard" is? "Waarde" in, is dat nog te zuipen of heeft dat een financiële-of verzamelwaarde?
Ben eens curieus, ik ben niet van plan om dat open te trekken om tot de constatatie te komen dat het pompbakbier is geworden.
Om met de deur in huis te vallen: financiële waarde is gegarandeerd verwaarloosbaar. De enige flessen Belgisch bier die flink in trek zijn bij verzamelaars, zijn oude lambiek/geuze/kriek. Het wordt niet voor niets "de champagne van het Pajottenland" genoemd

Er zijn nog wel wat uitzonderingen, zoals de Sint-Sixtus (Westvleteren) Extra met rode capsules, maar die zijn ook niet eens zoveel waard. Normaal gezien had ik het geweten als dit veel geld zou waard zijn, dus ik vrees ervoor. Voor het geld moet ge het dus gegarandeerd niet doen.
Verder geldt de regel: de ene zijn goud laat de andere koud. Een bier zal niet rap "slecht" worden, zeker niet wanneer het gepasteuriseerd is. Als het eenmaal opgekookt en gefilterd is, zoals alle trappistenbieren effectief zijn, kun je een bier in principe decennialang bewaren. De enige bieren die effectief oneindig lang bewaarbaar zijn, zijn ongefilterde bieren van spontane gisting. Dat betekent dus ambachtelijke lambiek/kriek/geuze à la 3 Fonteinen, De Cam, Cantillon, ... en niet de gefilterde dingen zoals Belle-Vue en Boon.
Letterlijk ELK ander bier dat niet aan die beschrijving voldoet, wordt na verloop van tijd eigenlijk hetzelfde qua smaak. Ik ben geen expert op het vlak van de chemie achter het brouw- en rijpingsproces, maar normaal werkt het zo. Onthou voor deze uiteenzetting dat gist een levend organisme is, dat vrijwel altijd op zoek is naar eten om zichzelf in leven te houden.
Het eerste wat de gist aanvalt zijn vergistbare suikers. Deze komen uit de mout (gekiemde gerst) of andere granen die eventueel worden toegevoegd. Veel brouwers voegen ook rechtstreeks vergistbare suiker toe aan hun brouwsel om het alcoholpercentage te verhogen. De gist zet vergistbare suiker (zijn primaire voedingsbron) dus om in ethanol, ofte de alcohol die wij kennen. Alle bieren met een hoog alcoholpercentage bevatten toegevoegde suikers, want enkel en alleen uit de granen zul je nooit de suiker kunnen halen om een bier van 10% of hoger te kunnen maken.
Nadat alle vergistbare suiker grotendeels opgegeten is, begint de gist andere stoffen in het bier "aan te vallen" om in leven te kunnen blijven. Een van de eerste die eraan moet geloven zijn de alfazuren, die worden vrijgegeven wanneer de hop wordt gekookt of als een thee wordt "getrokken" (dryhopping) in het basisbeslag van het bier (ook de wort genoemd). Daarom worden hoppige bieren, zoals de meeste blonde bieren en natuurlijk vooral IPA's (India Pale Ale, een bierstijl waar de nadruk ligt op de hop) na verloop van tijd een stuk minder bitter en gaat het graanprofiel van de mout domineren. Dat is doorgaans niet de bedoeling, hoewel het ook lekker kan zijn, en raadt men dus praktisch altijd aan om hoppig/bitter bier zo vers mogelijk te drinken.
Als er vergistbare suikers zijn, zijn er ook onvergistbare suikers. Lactose (melksuiker) is er daar een van, en vaak wordt deze suiker ook vaak gebruikt om het bier aan te zoeten op een natuurlijke manier, zonder synthetische zoetstof. Een goed voorbeeld daarvan zijn de "milk stouts", die zo worden genoemd naar de melksuiker en omdat werd geloofd dat ze de melkproductie bij zogende moeders stimuleerde.
Verder laat ik gerust iemand aanvullen bij wat er na het aanvallen van de hopzuren gebeurt, want dat is me niet helemaal duidelijk. Voor zover ik het begrijp, gaat de gist uit pure noodzaak uiteindelijk zo goed als alle stoffen in het bier aanvallen, waardoor een kenmerkende "oudbiersmaak" gecreëerd wordt. Deze is het best te vergelijken met een oude porto of madeira. Je krijgt vrij "muffige" toetsen van rozijnen, druiven, wijn en donkere suiker. Hoe sterk die smaak is, hangt af van uw bier. Vooral de hoeveelheid restsuiker (die dus pas in een later stadium of zelfs helemaal NIET wordt aangevallen door uw gist) is daarin belangrijk om te bepalen hoeveel body het bier nog heeft. Meestal wordt oud bier heel dun nadat het de transformatie naar port heeft ondergaan.
Veel mensen zijn serieuze fan van deze smaak, maar bij mij mag het niet overdreven zijn. Een bier van tien jaar oud kan perfect, maar ik heb al dingen uit de jaren 70 en 80 geproefd die er echt wel over waren.
Gewoon opendoen dus, kwaad kan het niet. Best het bodemke niet mee uitgieten voor de zekerheid. Damn, sorry voor de halve boek

. Ik ga nogal doorratelen wanneer ik gepassioneerd ben door iets.