Ik vind dat de dood moet gevierd worden zoals de geboorte.
Als ik dood ga, wil ik één groot feest, geen triestige zwarte pakken, maar kleurijke dingen en blije mensen.
Het klinkt waarschijnlijk vreemd, en voor de mensen op dat 'feest' zal het wel niet makkelijk zijn om er zo tegen aan te zien, maar toch wil ik het zo.
Voor mij is het ook duidelijk: na de dood is er helemaal niets, en ik zie dat als iets positief.
Je moet niets meer, kunt niets meer, wil niets meer, denkt niets meer, er is gewoon heerlijk niets.
Ik mag eender welke dag, uur, minuut of seconde sterven, ik heb een gelukkig (hoewel tot dusver redelijk kort) leven geleid (of is dat met 'ij'?).
Het enige 'doel' of 'nut' in het leven is een gelukkig leven lijden (dan is één van de twee op z'n minst juist), al de rest is nutteloos, je gaat immers toch ooit dood, net zoals alle anderen. Voor mij is dat alleszinds zo.
Dus, als ik later beroemd ben, is dit mijn testament dat zegt: mijn begrafenis is een feest, een feest dat ik geleefd heb mogen hebben, en een feest dat ik het nu niet meer kan. Het kringetje is rond...
Haha, tot dusver mijn 'filosofische' gezever.