07 december 2011
Drie jaar nadat uitlekte dat Patrick Vanoppen in Antwerpen een nieuw stadion wilde bouwen, is de vastgoedmakelaar uit Herent managing director van Beerschot AC, maar staat het water hem financieel aan de lippen. Relaas van de onstilbare honger van een man die het Kiel op zijn kop zette.
Ondernemer biedt stad 'gratis' stadion aan. Onder die kop in Gazet van Antwerpen trad Patrick Vanoppen op 15 december 2008 voor het eerst uit de anonimiteit. Een 46-jarige vastgoedmakelaar uit Herent, waar hij onder andere de nv Vivinvest leidt, die zich met projectontwikkeling bezighoudt. Hoewel nog zeker zeven andere bedrijven op hetzelfde adres staan ingeschreven, deed zijn naam alleen in het Leuvense hier en daar een belletje rinkelen. Volgers van de Belgische vastgoedwereld kenden hem niet en concludeerden dat hij onmogelijk een grote speler kon zijn. Ook in de voetbalwereld was hij onbekend. Het hoogste niveau waarop hij zelf voetbalde, waren de reserven van Stade Leuven. Zelfs zijn affiniteit met Antwerpen bleek beperkt: de roots van Vanoppen liggen in Sint-Gillis-Waas, op Linkeroever.
Velen fronsten dan ook de wenkbrauwen toen ze zo'n figuur hoorden verkondigen dat hij voor het toenmalige Germinal Beerschot een stadion wilde bouwen. De vastgoedmakelaar blies direct hoog van de toren: de cheque van 50 miljoen euro waarmee de stad en de haven zwaaiden, zei hij niet eens nodig te hebben. Op voorwaarde tenminste dat de club zelf de exploitatie in handen kreeg. Zo zeker was hij van zijn zaak dat hij op de website van een van zijn bedrijven al een simulatie van het stadion zette. Even snel verdween ze weer toen het plan uitlekte.
Op dat moment had Vanoppen zijn project al mogen voorstellen aan het bestuur van Germinal Beerschot. Zijn vriend Jacques Vanderveren had de juiste deuren voor hem geopend. Vanderveren is een voormalige schoonbroer van Peter Verhaegen, de zoon van erevoorzitter Jos Verhaegen. Aan die laatste vroeg Vanoppen of hij zijn stadionplannen mocht komen presenteren. Dat mocht, op voorwaarde dat het vrijblijvend was en niets zou kosten.
De bestuurders van Germinal Beerschot waren onder de indruk van Vanoppens presentatie, al vroegen ze zich ook af - zij het toen nog in beperkte mate - of hij toch niet wat hard van stapel liep. Maar Vanoppen was niet van zijn stuk te brengen. Op 1 december 2008 tekende hij, met zijn nv Vivinvest, al een verkoopcompromis met opschortende voorwaarden om een lap grond van 19,3 hectare te verwerven op de Investeringszone Petroleum Zuid (IPZ), een site die toen al sterk in beeld was als mogelijke locatie voor het nieuwe stadion. Vanoppen legde naar eigen zeggen een voorschot van 450.000 euro op tafel. Een bijzonder risicovolle investering, aangezien nog helemaal niet duidelijk was hoe het stadiondossier zou evolueren. De politiek was met verstomming geslagen.
Platvloers taalgebruik
Op 1 april 2009 bleek voor het eerst dat de neuzen in de bestuurskamer van Germinal Beerschot niet meer in dezelfde richting stonden. Plots verklaarde Verhaegen dat de club geen nieuw stadion zou bouwen zonder de stad. Daarmee positioneerde hij zich lijnrecht tegenover Vanoppen. Verhaegen was almaar vettere vraagtekens beginnen te plaatsen bij de haalbaarheid van het plan van de vastgoedmakelaar. In de wandelgangen viel ook te horen dat het taalgebruik en de stijl van Vanoppen zowel tijdens interne besprekingen als in vergaderingen met de stad bruuskerend en bij momenten zelfs platvloers waren, iets wat Verhaegen en de andere gesprekspartners niet bepaald apprecieerden.
De pletwalsachtige aanpak van Vanoppen irriteerde. Zijn wrijvingen met het Antwerpse stadsbestuur vloeiden voort uit een fundamenteel verschil in visie. De stad stelde van meet af dat een nieuw stadion er een voor zowel Beerschot als tweedeklasser Antwerp moest worden terwijl volgens Vanoppen een tweede bespeler de economische groei van de eerste club zou fnuiken. Bovendien zou de stad, zo werd steeds duidelijker, nooit een nevenprogramma toelaten zoals Vanoppen er een in gedachten had.
Toch erkende vriend en vijand dat Vanoppen een man met goede en soms zelfs visionaire ideeën was. Op 30 juni 2009 werd hij toegelaten tot het directiecomité van Germinal Beerschot. Herman Kesters, voorzitter sinds de gezondheidsproblemen van Verhaegen eind 2008, noemde hem zelfs "de verantwoordelijke voor het commerciële en infrastructurele".
Ontslagen als bestuurder
Vanoppen bleef actie ondernemen om zijn positie te verstevigen. Om de clubaandelen van Roderick en Lisa Duchâtelet - de oudste kinderen van huidig Standardeigenaar Roland Duchâtelet - over te nemen, samen goed voor 30 procent, werd op 11 februari 2010 de nv Adevra boven de doopvont gehouden. Die werd opgericht door Vanoppen en Xavier Painblanc, een bekend Antwerps zakenman en zoon van voormalig Beerschotsponsor Robert Painblanc (Rizla). Xavier Painblanc werd de gedelegeerd bestuurder van Adevra.
Op 16 maart 2010 werd Vanoppen benoemd tot bestuurder van Germinal stamnr 3530. Gaandeweg werd almaar duidelijker dat sommigen op het Kiel in het stadiondossier even wendbaar waren als een windhaan. Juli 2010 bleek plots Kesters en niet Vanoppen namens Germinal stamnr 3530 te zetelen in een door de stad opgerichte beleidsgroep die zou nadenken over een gemeenschappelijk stadion. "Geen enkele club is vandaag nog in staat om alleen een stadion te bouwen", zei ook de titelvoerende voorzitter nu. Een signaal was het dat Germinal Beerschot niet meer geloofde in Vanoppens plannen.
Vanoppen was ziedend omdat niet hij naar de beleidsgroep was afgevaardigd. "Ik heb een contract waarin staat dat Germinal stamnr 3530 alle rechten en plichten aangaande het stadiondossier aan mij afstaat, ík moet alle stadiononderhandelingen voeren", beet hij van zich af. Een week later werd hij ontslagen als bestuurder van Germinal Beerschot. De algemene gedachte op het Kiel was: die zien we nooit meer terug.
De ultieme machtsgreep
Op 31 augustus 2010, een dikke maand na het ontslag van Vanoppen, werd de nv Adevra aangesteld als bestuurder van Germinal Beerschot. Dat er op die manier weer een lijntje zou lopen vanuit de club naar Vanoppen, daar lag op het Kiel niemand wakker van. Adevra zou immers vertegenwoordigd worden door zijn gedelegeerd bestuurder, door Xavier Painblanc dus. Bovendien leefde de indruk dat in Adevra Painblanc de man was die ertoe deed, niet Vanoppen, en dat er tussen die twee sowieso een haar in de boter zat.
Diezelfde dag vond ook de belangrijke aandelenoverdracht plaats tussen Roderick en Lisa Duchâtelet enerzijds en Adevra anderzijds, een deal waarmee naar verluidt 1,8 miljoen euro was gemoeid. Opmerkelijk was dat Roderick Duchâtelet aangaf niet met Painblanc te hebben onderhandeld, maar met Vanoppen. Zo scheef zat het kennelijk dus niet tussen die twee.
Dat werd bijzonder duidelijk op 16 november 2010, de dag van de jaarlijkse vergadering van de aandeelhouders. Vanoppen begon zijn ultieme gooi naar de macht door tot eenieders verbazing plots weer binnen te waaien. Dankzij een onderling akkoord met Painblanc kon hij in de bestuurskamer op het stoeltje van Adevra gaan zitten. Een sleutelmoment. De vastgoedmakelaar bevond zich op slag weer midden in de arena, een woord dat naar verluidt nogal letterlijk te nemen was. Vanoppen en René Snelders zouden die 16e november op een bepaald moment vechtensklaar tegenover elkaar hebben gestaan.
Geshit en gezever
De malaise was compleet nu, mede door de diepe crisis waarin de obscure komst van trainer Glen De Boeck de club had gedompeld. Niet iedereen in het bestuur was op de hoogte toen die voor drie jaar tekende, niet iedereen in het bestuur was blij toen dat nieuws bekend raakte, niet iedereen in het bestuur kon het even goed vinden met De Boeck, en omgekeerd. De supporters roerden zich en kozen het kamp van Vanoppen en De Boeck.
Verhaegen en co hadden er genoeg van. Verteld werd dat zij, met René Snelders op kop, alle heisa op den duur zo moe waren, dat ze in de bereidheid kwamen om aan Vanoppen te verkopen. Even waar wellicht is dat ze ook zakelijk een kans roken. Zowel voor de grond op IPZ als voor de aandelen van de Duchâtelets had Vanoppen een bedrag geboden waarvan velen van hun stoel vielen.
Het bod van Vanoppen wekte argwaan. Toen al was het een publiek geheim dat zijn zoektocht naar financiële middelen niet van een leien dakje liep. Daags na een krantenartikel daarover zette hij enkele persmensen op straat. Een cameraman filmde het incident. "Ik heb het gehad met de pers," fulmineerde hij, "al dat geshit en gezever!" Voor het eerst maakte ook het grote publiek kennis met zijn opvliegende kant. Ook tijdens interviews schuwt Vanoppen het vloeken en platte taalgebruik niet. Journalisten die geregeld contact met hem hebben, zijn inmiddels gewend aan uitdrukkingen als "dat ze mijn kl*ten kussen" en "we geven ze een koek op hun bakkes".
Me, myself and I
Op 16 februari 2011 was het zover: na lang onderhandelen kwam er een deal uit de bus over de aandelenoverdracht tussen Verhaegen c.s. en Vanoppen. Tegen de verwachtingen in was het Vanoppen gelukt in totaal zo'n 4 miljoen euro bij elkaar te krijgen om de Germinalkopstukken uit te kopen. Over de herkomst van het geld schijnt iedereen nog steeds in het duister te tasten.
Twee dagen later presenteerde Vanoppen zich aan de pers als de nieuwe sterke man van het Kiel. Samen met Bob Van Jole en Herman Kesters nam hij plaats voor de camera's. "Hier zitten drie mensen die samen honderd procent van de clubaandelen in handen hebben", schetste de managing director de uitkomst van de bitse machtsstrijd. Zelf bezat hij naar eigen zeggen meer dan 99 procent van de aandelen. Of die echt in zijn zak zitten, valt te betwijfelen. De aandelen van de Duchâtelets zijn bijvoorbeeld door de nv Adevra gekocht, niet door Vanoppen persoonlijk.
De drie huidige bestuurders van Beerschot zijn: Vanoppen persoonlijk, de nv Vivired (een van zijn bedrijfjes in Herent) en de nv Adevra. Om het op z'n Vanoppens uit te drukken: " Me, myself and I", maar dat is dus nogal kort door de bocht. Het is onduidelijk hoe sterk de stem van Vanoppen in Adevra op dit moment weegt. Tegenstrijdige geruchten doen hierover de ronde. Door Vanoppen worden de rol en de belangrijkheid van Painblanc - een onderwerp waarover die het zelf niet graag heeft - alleszins geminimaliseerd.
Waanzinnige interesten
Terwijl er op de dag van de overname al sprake was van een exploitatieverlies van 2,7 miljoen euro voor 2010, doken enige tijd later ook verhalen op over lijken in kasten. In welke mate Vanoppen vooraf op de hoogte was van die lijken, blijft een open vraag. Beter dan wordt aangenomen, is uit betrouwbare bron te vernemen. Buiten kijf staat wel dat Vanoppen aan de onderhandelingstafel een partij tegenover zich kreeg die meer beslagen op het ijs stond dan hij.
Wie de lijken in de kasten stopte, is onduidelijk. Zeker is alleen dat Herman Kesters het merendeel ervan handtekende. In het kamp van Jos Verhaegen wordt dat wat graag aangegrepen om met een beschuldigende vinger naar hem te wijzen. Anderen beweren stellig dat Kesters een papieren voorzitter was, die niets te zeggen had en enkel uitvoerde wat Verhaegen en in mindere mate diens schoonzoon Gunther Hofmans hem opdroegen.
Een dikke maand na de overname zei Vanoppen dat hij het probleem van de 2,7 miljoen euro al voor een stuk had opgelost door bijna één miljoen euro van zijn eigen geld in Beerschot te steken. De rest werd, zoals de overname zelf, dicht gefietst door leningen die hij aanging bij kennissen en makelaars, onder wie de Rus Dimitri Seljuk. Dat die nu nog 320.000 euro claimt, heeft niets te maken met geleend geld, maar alles met oude, aan transfers gerelateerde schulden - een lijk dus. De leningen voor de overname zou Vanoppen terugbetaald hebben, tegen naar verluidt soms waanzinnige interesten.
Geldverslindende procedures
Problematisch was vooral de lichtzinnigheid waarmee hij zijn handtekening onder contracten bleef zetten. Zo gaf hij, zonder het aanvankelijk te beseffen, het sportieve beleid van zijn club uit handen aan spelersmakelaar Didier Frenay (zie kaderstuk). De financiële consequenties van die stommiteit dreigen hem nog een paar jaar te zullen achtervolgen.
De blunders van Vanoppen waren legio, en duur. Toen zijn stadiondossier voor het WK 2018 onontvankelijk werd verklaard, trok hij naar de Raad van State. Die gaf hem ongelijk, een procedure die hem veel geld kostte. Sinds vorige maand ziet het er ook naar uit dat hij zijn sleutelpositie in het stadiondossier kwijt is. Door een voorkooprecht kaapte de Vlaamse overheid de 19,3 hectare op IPZ voor zijn neus weg. Vanoppen reageerde alweer ziedend en zei van geen voorkooprecht af te weten. Als dat er nu toch blijkt te zijn, betekent dit dat hij zich ook in dit dossier onvoldoende informeerde.
Ook zijn onbezonnen personeelsbeleid kostte hem al handenvol geld. Van het managementteam dat hij op 6 mei 2011 voorstelde, is dik een halfjaar later alleen zijn goede vriend Jacques Vanderveren nog op post. Verscheidene medewerkers knapten af op zijn extreme stemmingswisselingen, of waren het beu voortdurend financiële brandjes te moeten blussen. Weer anderen ontsloeg hij, waarop steevast een beding volgde, wat hem opnieuw alleen maar geld kostte. Met de vertrekkers verdween ook uiterst bruikbare knowhow en competentie.
Moderne Messias
In juni lekte uit dat stamnr 3530 zijn spelerslonen niet tijdig betaalde. Toch doorstond het enkele weken later een controle van de licentiecommissie. Inmiddels staat het water Vanoppen opnieuw aan de lippen. Begin november bevestigde hij dat Cercle Brugge tv-geld van Beerschot had gevorderd in het kader van de financiële afhandeling van het vertrek van Glen De Boeck naar het Kiel anderhalf jaar geleden. Ook raakte bekend dat Beerschot zijn betalingsverplichtingen aan Anderlecht niet nakomt voor de transfer van Hernán Losada. En twee weken geleden moest de managing director zijn spelers opnieuw opbiechten dat ze hun loon van oktober met vertraging zouden ontvangen.
Eén man lijkt zich te midden van de onophoudelijke stroom onheilsberichten amper zorgen te maken: Patrick Vanoppen. Zelf ziet hij zich graag als een moderne Messias, vanuit Herent gezonden om Beerschot te redden uit de klauwen van zijn vorige eigenaars, maar op het Kiel wordt zijn aanpak vlakaf omschreven als die van een verlicht despoot. Beerschot is zijn speelgoed en wie er een vinger naar uitsteekt, krijgt de volle laag. Hij en hij alleen houdt alle touwtjes in handen. Bij de thuiswedstrijden is hij alom tegenwoordig. Hij schudt handjes, begeleidt de vips, gaat persoonlijk de biertogen controleren, moeit zich met de ticketverkoop, ontvangt de scheidsrechters en neemt daarna getooid met paars-witte sjaal plaats in de tribune. Een van zijn bijnamen luidt niet voor niets Duracell. Een andere is Boma.
En toch wordt hij ook bewonderd. Voor de zelden geziene werkkracht die hij ontplooit. Niemand die betwist dat Vanoppen een harde werker is. Zo onwaarschijnlijk hard zelfs, dat sommigen zich zorgen maken om zijn gezondheid. Ze noemen hem hyperkinetisch met manische trekjes en zouden hem graag tegen zichzelf beschermen, maar hij wijst elke uitgestoken hand af. Beerschot AC mag dan hoogdringend nood hebben aan een kapitaalsinjectie, Vanoppen duldt geen inmenging. Nooit zal hij toegeven dat hij zijn mogelijkheden, fysiek dan wel financieel, overschat.
Nauwe schoentjes
Vanoppen is een selfmade man die het goed meent, ook daarover is iedereen het eens, maar die gedreven wordt door een schijnbaar onstilbare drang naar zelfbevestiging. In Leuven herinnert men zich hem als primus inter pares toen hij zich via avondschool op een overstap naar de horeca voorbereidde. Maar, zo weet men er ook, wie één keer zaken met hem deed, deed dat geen tweede keer. Niet omdat hij een oplichter zou zijn, zeker niet, wel omdat zijn 'projecten' te vaak iets van een mission impossible hadden. Wie hem kent, noemt hem "een krak in financiële constructies" en "iemand die de grenzen opzoekt van wat haalbaar is".
Allerminst geruststellend is het gerucht dat hij, persoonlijk en via zijn vennootschappen, al 7 miljoen euro in stamnr 3530 zou hebben gepompt. En nog is het einde niet in zicht. Insiders noemen de geschatte schuld van 2,5 miljoen euro "belachelijk onderschat" en hebben het over een veelvoud van dat bedrag. Vanoppen zou inmiddels tientallen persoonlijke borgstellingen hebben lopen en de tv-gelden en de inkomsten uit de abonnementen al voor járen in pand hebben gegeven. Onverantwoorde risico's waarmee hij, zo wordt gevreesd, zich stilaan ook privé in nauwe schoentjes wringt. Maar opgeven staat niet in zijn woordenboek. Enkele weken geleden liet hij zich ontvallen: "Ik leef maar één keer en als ik doodga, zal ik in de spiegel kunnen kijken en kunnen concluderen dat ik gevochten heb voor wat ik waard ben."
KOLDER IN BERENPAK
Kort na de overname raakte bekend dat Patrick Vanoppen plannen had om de naam te veranderen van KFC Germinal Beerschot Antwerpen naar K Beerschot Antwerpen Club. Beerschot, zei hij, was een betere merknaam. Voor hemzelf was het de ideale manier om op een van nostalgie bulkend Kiel zijn eigen draagvlak te versterken. De onthulling van het nieuwe logo gebeurde op 13 juni om 13 uur 13 minuten 13 seconden, verwijzend naar het stamnummer van het oude stamnr 3530. Een sterk ontwikkeld gevoel voor commerciële feeling kan de ooit als cafébaas begonnen vastgoedmakelaar niet worden ontzegd.
Gestoken in een paars-wit berenpak overhandigde Vanoppen burgemeester Patrick Janssens drie dagen later officieel het nieuwe clublogo. Een hilarisch moment. Op de Grote Markt stak hij één arm in de lucht en begon tussen enkele supporters te zingen: "Laat de beer nu maar los!" In geen tijd deden de omstanders mee. Vanuit commercieel standpunt was de verkleedact een stunt, voor zijn geloofwaardigheid bij de op sérieux gestelde bedrijfswereld een kleine doodsteek. Vanoppen is zo al geen man die moeiteloos aanschuift bij het establishment. Tijdens zijn audiëntie bij de Japanse ambassadeur in Brussel, als spijtbetuiging voor de spreekkoren jegens Liersedoelman Eiji Kawashima, viel vooral zijn onwennigheid op. Het berenpak zat hem beter.
HOE BEERSCHOT BIJNA VAN DIDIER FRENAY WAS
Bij de overname van Germinal Beerschot erfde Patrick Vanoppen ook een openstaande schuld van 1,5 miljoen euro aan Star Factory, het makelaarskantoor van Didier Frenay. Dezelfde dag nog ondertekenden beide partijen in de Presidents Club van het Kiel een overeenkomst waarin Frenay de nieuwe eigenaars toestond hun schuld in schijven af te lossen. Gezwind zette Vanoppen, geadviseerd door Herman Kesters en Jacques Vanderveren, zijn krabbel onder het door advocaat Laurent Denis in het Frans opgestelde contract. Al gauw bleek dat hij zich door de taalbarrière in de luren had laten leggen. Zonder het te beseffen had hij het sportieve beleid van Beerschot voor vijf jaar aan Frenay afgestaan. Vanoppen rook onraad toen de spelersmakelaar overal rondvertelde dat hij, en niet sportief coördinator Chris Van Puyvelde, voortaan het aanspreekpunt was voor wie zaken wilde doen met Beerschot. Onderhandelingen om het contract ongedaan te maken, werden opgestart. Overeengekomen werd dat Beerschot zestig maanden lang een bedrag betaalt aan Star Factory, in ruil waarvoor het al die tijd een beroep mag doen op zijn expertise. Frenay eiste ook de volledige transferrechten op Thomas Kaminski, van wie hij al veertig procent in handen had. Vanoppen gaf toe, op voorwaarde dat Kaminski nog diezelfde zomer vertrok. Vandaar de deal met Anderlecht: Kaminski tekende een vijfjarig contract dat pas volgende zomer ingaat, wanneer de contracten van Davy Schollen en Michaël Cordier in Brussel aflopen en er plaats is voor een nieuwe doelman. In afwachting werd hij bij OHL gestald. Frenay deed één toegift. Als Jean Acosta na Nieuwjaar nog op het Kiel is, komt diens loon voor zijn rekening. De jonge Braziliaan, nog meegekomen met Gunther Hofmans na een reis met Frenay naar Brazilië, speelde in twee jaar zo goed als niet.
DOOR KRISTOF DE RYCK EN JAN HAUSPIE