Het gaat er over dat verschillende politieke partijen en politici (Open VLD met o.a. Van Quickenborne, Vooruit met Rousseau, CD&V met Crevits) de afgelopen jaren hun pijlen richten op huismoeders om die te activeren voor de arbeidsmarkt. Onder andere met voorstellen om de gezinshoofdsuitkering naar beneden bij te stellen.
Het centrale idee van de politici is dat wie niet werkt, niet bijdraagt en feitelijk op kosten van de maatschappij leeft. Rousseau sprak een aantal maand geleden in Het Nieuwsblad van "‘Ik vind dat iedereen die kan werken zijn deel moet doen. Een huisvrouw rijdt ook op onze wegen, haar kinderen gaan naar onze scholen en als ze ziek zijn, kan ze ook rekenen op onze gezondheidszorg’,".
Die woorden schieten nogal in het verkeerde keelgat van veel moeders die thuis blijven voor de kinderen, zeker nu met al die plaatstekorten en problemen bij de kinderopvang. Maar eigenlijk zijn dat niet de vrouwen waarop de politici doelen, het zijn de vrouwen met een allochtone afkomst (>70% van de huismoeders onder de 55) die ze eigenlijk viseren.
Het idee dat ze niet bijdragen wordt gecountered door RoSa, die stellen dat het onbetaalde werk dat huisvrouwen thuis verrichten, het zorgende, er voor zorgt dat anderen wel kunnen gaan werken.