Paus Benedictus heeft moslims over de hele wereld gekwetst met de speech die hij tijdens zijn bezoek aan Duitsland heeft gehouden in de Universiteit van Regensburg. Vooral de citaten van een Byzantijnse keizer kwamen hard aan.
De citaten zijn afkomstig uit een dialoog tussen de veertiende-eeuwse keizer Manuel II Palaeologus en een hoogopgeleide Perzische moslim. Onderwerp van dat gesprek is het christendom en de islam, en de waarheid van beide religies.
In zijn toespraak zegt de paus onder meer:
"De dialoog bestrijkt het gehele geloofsbegrip dat in de Bijbel en de Koran wordt beschreven en gaat in het bijzonder over de beelden van God en de mens, waarbij noodzakelijkerwijs alles draait om de relatie tussen wat men de 'drie wetten' of 'leefregels' noemde: het Oude Testament, het Nieuwe Testament en de Koran".
Geloof en rede
Benedictus heeft een deel uit de dialoog gekozen dat als uitgangspunt kon dienen voor zijn overpeinzingen over het thema geloof en rede.
"In het zevende gesprek, dat is geredigeerd door professor Khoury, snijdt de keizer het thema van de heilige oorlog aan. De keizer moet hebben geweten dat in soera (hoofdstuk van Koran) 2-256 staat: 'Er is geen dwang in godsdienst'. Volgens deskundigen is het een van de eerste soera's, uit de tijd dat Mohammed nog geen macht had en werd bedreigd."
"Maar de keizer kende ook de geboden over de heilige oorlog, die later werden ontwikkeld en in de Koran werden vastgelegd. Zonder in te gaan op details, bijvoorbeeld over het verschil in behandeling van 'gelovigen' en 'ongelovigen', spreekt hij zijn gesprekspartner verrassend nors toe over de centrale kwestie van het verband tussen godsdienst en geweld in het algemeen, door te zeggen: 'Laat mij zien wat Mohammed voor nieuws heeft gebracht en je zult er slechts slechte en onmenselijke dingen vinden, zoals zijn gebod om het geloof dat hij predikte te verspreiden met het zwaard'."
Geweld
"Nadat de keizer zich zo krachtig heeft uitgesproken, verklaart hij vervolgens tot in detail de redenen waarom het verspreiden van het geloof door middel van geweld onredelijk is. Geweld is onverenigbaar met de aard van God en de aard van de ziel. 'God', zegt hij, 'houdt niet van bloed. En op een onredelijke manier handelen is tegengesteld aan de aard van God'."
"Geloof is de vrucht van de ziel, niet van het lichaam. Wie iemand tot het geloof leidt, moet in staat zijn goed te spreken en juist te redeneren, zonder geweld en dreigementen... Om een redelijke ziel te overtuigen heeft men geen sterke arm, of wapens of andere middelen nodig waarmee men iemand met de dood kan bedreigen..."
De beslissende uitspraak in deze redenering tegen bekering door middel van geweld is het volgende: onredelijk handelen is tegengesteld aan de aard van God. De redacteur, Theodore Khoury merkt daarover op: 'Voor de keizer, een Byzantijn die is gevormd door de Griekse filosofie, is die opmerking vanzelfsprekend. Maar voor de islamitische leer is God absoluut onvatbaar. Zijn wil past in geen van onze categorieën, zelfs niet die van de rede."
Culturen
De paus beëindigt zijn verhaal door op te komen voor verschillende culturen en religies:
"In de westerse wereld wordt aangenomen dat alleen positivistische rede en vormen van filosofie die daarop gebaseerd zijn, universeel geldig zijn."
"Maar de diepgewortelde religieuze culturen van de wereld zien deze uitsluiting van het goddelijke uit de universaliteit van de rede als een aanval op hun meest diepe overtuigingen. Een rede die doof is voor het goddelijke en die religie verbant naar het rijk van subculturen kan niet in dialoog treden met culturen."
De integrale tekst van de toespraak is te vinden via de links in de rechterbalk (in het Engels en in het Duits).