Facet 2.5 Studielast
Beoordelingscriteria:
- De werkelijke studietijd wordt getoetst en sluit aan bij de normen vastgesteld krachtens decreet.
- Het programma is studeerbaar doordat factoren, die betrekking hebben op dat programma en die de
studievoortgang belemmeren zoveel mogelijk worden weggenomen.
Oordeel van de visitatiecommissie: goed
De commissie is tot haar oordeel gekomen op basis van de volgende vaststellingen en overwegingen:
Het zelfevaluatierapport vermeldt een aantal studietijdmetingen van 2003-2004 tot 2005-2006. De gebruikte
methodiek is deze van schattingen door de studenten na verloop van de lessen en examens of bij het begin van
het volgende academiejaar. De metingen tonen aan dat de studielast over het algemeen beneden de begrote
studietijd ligt (tussen 1500 en 1800 uren per studiejaar). De studietijd wordt begroot op basis van een aantal
criteria. Voor een hoorcollege wordt een bijkomende studietijd van gemiddeld twee uur gerekend. Voor een labo
wordt de voorbereiding van het labo en het maken van het verslag begroot op een factor 0,5 van de contacturen
labo en voor een werkcollege varieert die factor van 0,5 tot 2 naargelang de aard van het werkcollege. Voor de
masterproef wordt een studietijd van 500 tot 600 uren begroot. Voor een normstudent bedraagt de begrote
studietijd 1650 uren, met zeer lichte wijzigingen naargelang het gaat om een bachelor- of masterjaar. Daar waar
dit niet het geval is werden in het verleden aanpassingen gedaan. Zo werd het vak materialenleer aangepast op
basis van een studietijdmeting in 2007-2008. De opleiding is er zich van bewust dat de metingen na. het
doorbreken van het jaar/klassensysteem moeten worden herbekeken. Elektronische bevraging is een
mogelijkheid, maar heeft nadelen: een elektronisch formulier wordt bijvoorbeeld veel minder trouw ingevuld. In de
gesprekken met studenten kwam tot uiting dat de studielast in het algemeen in overeenstemming is met de
begrote studietijd. Wel blijkt de studielast voor de projecten (bijvoorbeeld het vak industriële praktijk in het derde
jaar) en voor de masterproef hoger ligt dan de begrote studietijd, doch binnen de normen en haalbaarheid
volgens de studenten. De motivatie om er iets van te maken leidt ertoe dat studenten soms langer aan een
opdracht werken dan voorzien.
De commissie constateerde dat studenten op drie jaar tweemaal werden geëvalueerd op studietijd. Dat geeft
slechts beperkte informatie om eventuele problemen te ontdekken en te remediëren. Vanaf januari 2009 zal de
opleiding METIS gebruiken, een nieuw online systeem voor studietijdmetingen achteraf, ontwikkeld in een kader
van een Onderwijsontwikkelingsproject van de associatie K.U.Leuven.
Om de studeerbaarheid te bevorderen besteedt de opleiding aandacht aan een zo efficiënt mogelijke invulling van
het lesrooster met zo weinig mogelijke springuren. Een andere actie bestaat erin om studentenversies van
software ter beschikking te stellen zodat oefeningen thuis of op kot kunnen worden gemaakt en de student tijd
wint bij de verplaatsing. Het bewaken van de volgtijdelijkheid van opleidingsonderdelen bevordert ook impliciet de
studeerbaarheid.