Festivalverslag: Lokerse Feesten 2025 - Dag 2

Het grootste deel van het jaar is Parking Grote Kaai de meest betrouwbare plek om je wagen gratis te stallen bij een bezoek aan Lokeren, maar begin augustus verandert het saaie stukje beton in een walhalla voor muziekfans. De Lokerse Feesten zijn dan ook al vijftig jaar een instituut in het festivallandschap, en wat eerst ontstond als antwoord op de feesten in Gent, groeide uit tot een van de meest veelzijdige festivals van het land. Tien dagen festival, dat resulteert steevast in een affiche die alle kanten op schiet en waar je de ene dag nog de beentjes kan losschudden op Amber Broos om enkele dagen later stevig los te gaan in een moshpit tijdens Electric Callboy of met Iggy Pop een levende legende te aanschouwen. De Lokerse Feesten, dat is tien dagen vol optredens die alle kanten uitgaan, en dat maakt het zo verdomd mooi. De manier waarop een onooglijke parking zich elk jaar weer ontpopt tot een van de sympathiekste festivals van het land, zorgt ervoor dat we de Lokerse elk jaar met roze fluo in onze agenda markeren.

Lokerse Feesten Media team Liese Keereman Photography.jpg

©Lokerse Feesten Media team Liese Keeremans Photography

Wij haakten ons wagonnetje voor het eerst aan de feesttrein op de tweede dag van de feesten. Gisteren stond het hier nog in het teken van de toegankelijke dansbaarheid met namen als Kygo en Clean Bandit, vandaag was het echter de dag van alom gevestigde waarden die op de wat oudere dansbenen mikten. Met Daan, Arsenal, Pet Shop Boys en Soulwax stond de Lokerse Feesten klaar voor een avond met acts die al decennia aan ervaring op hun palmares hebben en samen met hun trucks vol instrumenten ook een live-reputatie meezeulen van heb ik je daar.

DAAN

IMG_0360.jpg


Het aantal keren dat we Daan en zijn band al aan het werk zagen, valt ondertussen nauwelijks nog op twee handen te tellen. Toch blijft het elke keer spannend om te ontdekken welke kaart Daan Stuyven gaat trekken, want Daan blijft Daan en die doet als artiest steevast zijn eigen ding. We hebben hem op die manier al festivals zien platspelen door een set volgeladen met hits af te vuren, maar ook sets tot de rand zien vullen met albumtracks en obscure nummers die op een muur van desinteresse stuitten bij het grote publiek. Toch blijft een optreden van Daan altijd boeien, omwille van de theatrale klasse van Stuyven en de ijzersterke band die als een geoliede machine de muzikale motor doet scheuren.

Het liep echter niet bepaald van een leien dakje voor DAAN. Door technische problemen met de ledwall van de Pet Shop Boys, die een keer of dertig op en neer werd gehesen, kreeg de opener van de dag een significante vertraging aan zijn been. Met nog een half uur te gaan, mocht Daan dan toch het podium op, heerlijk zichzelf zijnde met een helm van de technische dienst op het hoofd. Die gefnuikte speelduur zorgde er wel voor dat DAAN noodgedwongen meteen het gaspedaal indrukte en met ‘Exes’ en ‘Icon’ twee sprankelende publiekslievelingen gaf. ‘Misschien nog een hit?’ zei de flamboyante frontman, en meteen erna passeerden ook ‘The Player’ en een speels ‘Swedish Designer Drugs’, waarbij Stuyven zich vocaal liet flankeren door Isolde Lasoen. Het enige nummer dat geen alom bekende hit was, werd uiteindelijk het poignante ‘Palaistine’, dat opgedragen werd aan Bouchez en De Wever. Een fragiel moment van bezinning in een set die met ‘Housewife’ wederom richting de euforie werd gestuwd. DAAN speelde noodgedwongen veel te kort, maar deed dat gelukkig krachtig.

Arsenal

IMG_0554.jpg


De keren dat we Arsenal aan het werk zagen, kun je op meer dan twee handen tellen, en ook op de Lokerse zijn ze kind aan huis. De vijftiende keer is het ondertussen dat de band van Hendrik Willemyns en John Roan aan de Grote Kaai staat, wat gekscherende grapjes opleverde zoals het opperen om de boel gewoon om te dopen tot de Arsenal Kaai. Er is echter een reden waarom Arsenal kind aan huis blijft op de grote podia, en dat is de garantie op een feest. De band heeft met de zomerse fusie van dansbare sfeer en donkere melancholie bij veel mensen een speciaal plekje ingepalmd, wat ervoor zorgde dat er ook nu weer veel mensen stonden te wachten op een optreden dat omschreven kan worden als estupendo.

Voor het sfeertje echter uitbundig werd, koos Arsenal ervoor om het wat uitdagender te spelen door te openen met ‘Mendeleev’. Het openingsnummer van hun meest recente langspeler Okan Okunkun is, net zoals de hele plaat, een stuk donkerder dan we gewoon zijn van de groep, wat ervoor zorgde dat de vonk nog niet meteen oversprong bij de feestneuzen in het publiek. Arsenal bracht kwaliteit, maar mikte initieel meer op het hart en de ziel dan op de benen. Het kantelpunt kwam er met het machtige een-tweetje ‘Switch’ en ‘Longee’, waarbij Leonie Gysel mocht tonen waarom ze na al die jaren nog steeds de principessa van Arsenal is. Het vat met hits mocht open, de vlam sloeg in de pan en Lokeren ging fijn los op nummers als ‘Estupendo’, ‘Saudade’ en ‘Lotuk’. De voorspelbare afsluiter kwam er met een lekker lang uitgesponnen ‘Melvin’, waar een flard ‘A Volta’ in zat verwerkt. De Grote Kaai waande zich even in hogere sferen en sloot wat ondertussen een huisband van het festival geworden is, wederom liefdevol in de armen. Op naar nog vijftien keer meer.

Pet Shop Boys

IMG_0759.jpg


Iets na tien uur mocht die vrij imposante ledwall van de Pet Shop Boys eindelijk haar kunnen tonen. Op de tonen van ‘Suburbia’ werd het ding de hoogte in gehesen en stapten Neil Tennant en Chris Lowe, getooid in abstracte maskers, het podium op. De twee leken stoïcijns hun nummers af te werken, maar dat leek eerder door de grote maskers en het beperkte gezichtsvermogen te komen. Toen Tennant zich bij ‘Opportunities’ namelijk van het ding ontdeed, kwam er zowaar beweging in de frontman met de kenmerkende stem. Pet Shop Boys draaien weliswaar al decennia mee, maar van sleet was gelukkig nauwelijks sprake. De stem van Tennant had moeiteloos de tand des tijds doorstaan en het speelplezier was overduidelijk eveneens nog aanwezig.

Dat zorgde dat de derde passage van Pet Shop Boys in Lokeren wederom een sterke set was waarbij alle gekende hits de revue passeerden, zelfs enkelen die niet eens van de heren zelf waren. Zo kreeg Lokeren een best wel puike samensmelting van ‘Where the Streets Have No Name’ en ‘Can’t Take My Eyes Off You’, die op veel animo kon rekenen op de parking. Uiteraard waren het echter de klassiekers van de Boys zelf die het grote hef- en tilwerk wisten te doen. Een nummer als ‘I Don’t Know What You Want, But I Can’t Give It Anymore’ toonde dan ook moeiteloos haar tijdloze klasse. Pet Shop Boys tekenden voor een strakke performance, die muzikaal als een tijdscapsule klonk, maar wisten ook visueel te vermaken. Knap was bijvoorbeeld toen bij ‘Left to My Own Devices’ de ledwall omhoogging om de drie percussionisten te onthullen, maar ook visuele spielereien op de schermen en een kleine choreografie met constructiewerkers zorgden ervoor dat er altijd wat te beleven viel op het podium.

Een ander hoogtepuntje kwam er in de vorm van duet ‘What Have I Done to Deserve This?’, waarbij Clare Uchima verdienstelijk de rol van Dusty Springfield overnam. Het geintje waarbij Uchima en Neil Tennant beiden in een lantaarnpaal hingen die naar elkaar toe werden geschoven, was Pet Shop Boys ten voeten uit: campy fun. De twee grootste hits kwamen er uiteraard aan het slot. ‘It’s a Sin’ kreeg een extatisch jasje aangemeten dat de Grote Kaai uitbundig aan het zingen kreeg, terwijl ‘West End Girls’ dan weer een knappe ingetogen versie kreeg. Dat afsluiter ‘Being Boring’ na die twee toppers ironisch genoeg een tikje saai klonk, kon je de Pet Shop Boys dan ook best vergeven. Dat ze er een half uur eerder dan gepland mee kapten, viel na hun sterke optreden ook met de glitterende mantel der liefde te bedekken. Alleen maakte het de manier waarop de set van DAAN werd getorpedeerd net iets spijtiger en het wachten tot Soulwax een stuk langer.

Soulwax

IMG_0793.jpg


Een kleine negentig minuten zat er tussen Pet Shop Boys en Soulwax, wat ervoor zorgde dat er reeds behoorlijk wat volk huiswaarts was getrokken. De geduldige feestvierders werden echter beloond met een act die nog steeds uniek aanvoelde. Of het nu de eerste keer was dat je Soulwax aan het werk zag in deze set-up, of ze al gespot had tijdens hun shows op Gent Jazz of Werchter of ergens in een Noord-Franse club, het blijft een imponerende machine. De podiumconstructie met stellages waar drie drummers op genesteld zitten, geeft al aan dat je een muzikale tsunami over je heen gaat krijgen, en zo geschiedde dus ook in Lokeren. Toegankelijk kan je wat Soulwax bracht nauwelijks noemen, maar al vanaf het prille begin met ‘Krack’ voelde je de muziek knetteren en pulseren. Soulwax sleepte Lokeren mee in een pompende trance en had nauwelijks behoefte aan grote herkenningspunten om te imponeren. De broers Dewaele zouden het zichzelf zo makkelijk kunnen maken door gewoon nummers als ‘Miserable Girl’ en ‘E-Talking’ simpel te spelen, maar verwerkten flarden van hun bekendste hits als reddingsboeien in een woelige zee van sensorische geluiden. Op die manier tekende Soulwax voor een imponerende afsluiter vol beats en percussie die nog lang bleef nazinderen. Soulwax was eigenzinnig en geniaal. De perfecte afsluiter na een geslaagde festivaldag.

Foto's​


Foto's door Tom Depoorter
 
Terug
Bovenaan