Dag 7 van de Lokerse Feesten zette nog maar eens in de verf hoe sterk ze aan de Grote Kaai in Lokeren een weldoordacht programma weten af te leveren. Dinsdag leverde op die manier een waaier aan snoeiharde gitaren, terwijl woensdag de crooners vrij spel kregen. Deze donderdag steunde echter grotendeels op het geluid van de hiphop, met frisse jonge vaandeldragers en levende legendes op het podium.
Toen maatje Talib Kweli de twee op het podium vervoegde ging het allemaal nog een trapje hoger en kreeg je het gevoel dat, terwijl er beelden van dertig jaar geleden werden geprojecteerd, De La Soul erg waardig ouder was geworden. Bij veel levende legendes heb je wel eens het gevoel dat ze slechts schimmen van hun vorige successen zijn, maar De La Soul voelde in Lokeren nog verdomd levendig aan. Dat resulteerde in een fijn feestje aan het hoofdpodium dat afsloot met goede vibes en een paar onvervalste klassiekers als "Ring, Ring, Ring" en "Me, Myself and I". De leeftijd en sterfelijkheid hebben duidelijk geen vat op de helden van De La Soul, die voor een van de meest memorabele concerten van de Lokerse Feesten tekenden.
Veel franjes, toeters en bellen had Nas niet aan zijn set bevestigd, maar dat hoefde ook niet. Soms heb je als publiek genoeg aan een levende legende die een lesje hiphop voor gevorderden geeft op het podium. Met een slot dat "If I Ruled the World" omvatte, kreeg Nas zelfs Lokeren massaal aan het zingen. Met het passende "One Mic" zette de MC er tenslotte een vet punt achter. Alles wat je nodig hebt, is een microfoon en een beat, predikte Nas, maar een resem klassiekers en ouderwets talent droegen in Lokeren duidelijk ook hun steentje bij.
Ook "Firestarter" zat vrij vroeg in de set, en werd een passend eerbetoon aan Keith Flint. Gewoon de herkenbare instrumentale track, vergezeld van het dansende silhouet van Flint op de schermen en een Maxim die stoïcijns stil bleef staan. Geen zang, want die is weggevallen. Tijd om daar bij stil te staan was er uiteraard niet, want de trance van "Voodoo People" liet Maxim en zijn ingehuurde gitarist en drummer weer toe om stevig keet te schoppen. Nu kan je enigszins het verwijt gooien dat door al die grote hits in het eerste deel van de set te duwen, je een optreden krijgt dat onevenwichtig voelt, maar dat viel nog aardig mee. Nummers als "Roadblox" en "Light Up the Sky" hebben inderdaad niet die herkenbare daadkracht, maar er zaten wel degelijk nog een paar stevig herkenbare muilperen in de rest van de set verstopt. De stuiterende dance van "No Good", de triphop van "Poison" of een schaduwboksende Maxim tijdens een uitzinnig "Smack My Bitch Up", ze misten stuk voor stuk hun effect niet.
Enkel de bisronde voelde eigenlijk ietwat afgeraffeld aan. Alsof de band de uittocht voor wou zijn, begonnen nummers sneller gespeeld te worden of zelfs afgeraffeld. Een stukje "Diesel Power", wat van "We Live Forever" en een snippet van "Out of Space" waardoor de band een kwartier vroeger dan gepland er de brui aan kon geven. Misschien was het wel genade, omdat ze ons net ervoor keihard tegen het canvas van de Lokerse Feesten hadden gemept met een loeihard "Take Me to the Hospital" en venijnig "Invaders Must Die". De knock-out bleef misschien uit, omwille van het einde en de soms rare rustpauzes tussen nummers door, maar op punten is The Prodigy duidelijk gewonnen in het robbertje vechten op de Grote Kaai.
2manyDJs deed als afsluiter wat het moest doen, nog even een stevig feestje vol herkenbaar lekkers in gang steken. Hun recept blijft dan ook simpel maar doeltreffend, en dat is herkenbare nummers waar ze aan gewerkt hebben, zoals "Mind Dimension" van Tiga, netjes haasje-over laten spelen met aparte keuzes zoals discoklassieker "You Make Me Feel" van Sylvester. Dat stond ook nu weer garant voor een negentig minuten dansen op herkenbare tunes, met als kleine extra dat tientallen festivalgangers via een actie van StuBru de kans hadden gekregen om een plekje op het hoofdpodium te winnen tijdens de set. Ook wij kregen een uitnodiging om mee te gaan dansen op het podium tijdens het optreden van de broertjes Dewaele en waanden ons zo even in een club waar we dansten alsof er geen 14.000 mensen naar ons stonden te kijken. Het was het gedroomde einde van een dromerige festivalavond.
Foto's door Tom Depoorter
Dag 7 - Donderdag 8 augustus
Glints
Dat er al behoorlijk wat volk op de been was bij het openen van de mainstage, viel natuurlijk toe te schrijven aan de komst van Glints, de nom de plume van Jan Lemmens. Antwerpse branie vermengen met een Brits klinkende rap flow, zorgde ervoor dat Glints de voorbije jaren een te duchten podiumreputatie wist op te bouwen. Gekoppeld aan een stevig hitje in de vorm van "(Not a) Housewife" dat momenteel bovenaan De Afrekening prijkt, zorgde het ervoor dat velen reeds vroeg hun weg naar Lokeren vonden. Lemmens opende, vergezeld door drie blazers, meteen lekker bombastisch met "All In", een nummer dat meteen duidelijk maakte dat Glints gekomen was om te winnen. Toch nam Lemmens zijn tijd om het verdere vuur op te poken en strooide hij met zoete snoepjes als "All Blue Hair" en "She Flew The Coop". Yong Yello kwam even mee rappen en de sfeer de hoogte in stuwen, maar je voelde in alles dat het publiek vol verwachting uitkeek naar die andere mogelijke gast. Toen Daan en zijn gitaar hun weg naar het podium vonden om het onverwoestbare "Housewife" in te zetten, voelde je dan ook even een schokgolf door het festivalterrein gaan. Het optreden liep volledig op stoom, waardoor Lemmens aan nummers als "Bugatti" en het heerlijk theatrale "Roma" genoeg had om wederom triomfantelijk te eindigen.De La Soul
Waar wij stonden klonk er zowaar boegeroep toen levende legende Maseo het publiek bij aanvang van achter zijn turntables toesprak met ‘Brussels’. Een faux pas die gelukkig al snel werd vergeven toen "The Grind Date" op Lokeren werd losgelaten en duidelijk werd dat Maseo en Posdnuos nog niks aan ouderwetse klasse hebben ingeboet. De ondertussen overleden Trugoy the Dove is er misschien enkel nog bij op de nostalgische beelden op het videoscherm, maar toch is de geest van het oude De La Soul nog steeds intact. De wisselwerking tussen het duo is dan ook nog steeds goud waard. Je hebt Maseo die de beats afvuurt en het publiek opzweept vanachter zijn draaitafels, terwijl Posdnuos het publiek blijft entertainen met gekke bekken, interacties en uiteraard verre van onverdienstelijke rhymes. Het is een combinatie die voor een opperbeste sfeer wist te zorgen aan de Grote Kaai en zorgde voor danspartijen en meezingers als "Potholes in My Lawn".Toen maatje Talib Kweli de twee op het podium vervoegde ging het allemaal nog een trapje hoger en kreeg je het gevoel dat, terwijl er beelden van dertig jaar geleden werden geprojecteerd, De La Soul erg waardig ouder was geworden. Bij veel levende legendes heb je wel eens het gevoel dat ze slechts schimmen van hun vorige successen zijn, maar De La Soul voelde in Lokeren nog verdomd levendig aan. Dat resulteerde in een fijn feestje aan het hoofdpodium dat afsloot met goede vibes en een paar onvervalste klassiekers als "Ring, Ring, Ring" en "Me, Myself and I". De leeftijd en sterfelijkheid hebben duidelijk geen vat op de helden van De La Soul, die voor een van de meest memorabele concerten van de Lokerse Feesten tekenden.
Nas
Met Nasir Jones, Nas voor de vrienden, kreeg Lokeren een half uur later wederom een grootheid uit de hiphop voorgeschoteld. DJ Green Lantern, drummer Haze Amaze en een microfoon, meer had hij niet nodig om Lokeren een uur mee te nemen in een nostalgische flow. Nas is ondertussen dan ook een geroutineerde OG die kan steunen op een sterke oldschool reputatie en een rits klassiekers van het ondertussen dertig jaar oude album "Illmatic". Nummers als "Nas Is Like", "Life’s a Bitch" en "Rare" toonden dan ook dat ze nog steeds tijdloos zijn en dat de man achter de microfoon nog niks aan verbale daadkracht heeft ingeboet.Veel franjes, toeters en bellen had Nas niet aan zijn set bevestigd, maar dat hoefde ook niet. Soms heb je als publiek genoeg aan een levende legende die een lesje hiphop voor gevorderden geeft op het podium. Met een slot dat "If I Ruled the World" omvatte, kreeg Nas zelfs Lokeren massaal aan het zingen. Met het passende "One Mic" zette de MC er tenslotte een vet punt achter. Alles wat je nodig hebt, is een microfoon en een beat, predikte Nas, maar een resem klassiekers en ouderwets talent droegen in Lokeren duidelijk ook hun steentje bij.
The Prodigy
Levert The Prodigy anno 2024 nog mokerslagen op zonder hun uithangbord Keith Flint, of strompelt de band verder als vergane glorie? Maxim, die er nog altijd uitziet als een individu die je niet in het schemerdonker in een steegje wil treffen, maakte een indrukwekkende entree gehuld in een mantel. Als een soort bokser die klaarstaat om het voltallige publiek tegen de vloer te meppen. Initieel lukte dat echter niet. "Breathe" is een herkenbare linkse directe, maar het werd te rommelig gebracht om echt doel te treffen. "Omen" dat meteen als opvolger kwam, was echter wel meteen recht op onze neus. Het herkenbare riedeltje werd snoeihard gespeeld en liet de massa in de voorvakken voor het eerst echt kolken. Gooi daar nog een verschroeiend "Spitfire" achter en je vertrekt met de voet stevig op het gaspedaal.Ook "Firestarter" zat vrij vroeg in de set, en werd een passend eerbetoon aan Keith Flint. Gewoon de herkenbare instrumentale track, vergezeld van het dansende silhouet van Flint op de schermen en een Maxim die stoïcijns stil bleef staan. Geen zang, want die is weggevallen. Tijd om daar bij stil te staan was er uiteraard niet, want de trance van "Voodoo People" liet Maxim en zijn ingehuurde gitarist en drummer weer toe om stevig keet te schoppen. Nu kan je enigszins het verwijt gooien dat door al die grote hits in het eerste deel van de set te duwen, je een optreden krijgt dat onevenwichtig voelt, maar dat viel nog aardig mee. Nummers als "Roadblox" en "Light Up the Sky" hebben inderdaad niet die herkenbare daadkracht, maar er zaten wel degelijk nog een paar stevig herkenbare muilperen in de rest van de set verstopt. De stuiterende dance van "No Good", de triphop van "Poison" of een schaduwboksende Maxim tijdens een uitzinnig "Smack My Bitch Up", ze misten stuk voor stuk hun effect niet.
Enkel de bisronde voelde eigenlijk ietwat afgeraffeld aan. Alsof de band de uittocht voor wou zijn, begonnen nummers sneller gespeeld te worden of zelfs afgeraffeld. Een stukje "Diesel Power", wat van "We Live Forever" en een snippet van "Out of Space" waardoor de band een kwartier vroeger dan gepland er de brui aan kon geven. Misschien was het wel genade, omdat ze ons net ervoor keihard tegen het canvas van de Lokerse Feesten hadden gemept met een loeihard "Take Me to the Hospital" en venijnig "Invaders Must Die". De knock-out bleef misschien uit, omwille van het einde en de soms rare rustpauzes tussen nummers door, maar op punten is The Prodigy duidelijk gewonnen in het robbertje vechten op de Grote Kaai.
Dag 8 - Vrijdag 9 augustus
Het tweede weekend werd stevig ingezet met de nodige beats, geleverd door een paar van de beste dj’s in het vak. Het is niet bepaald een dag die je uitgebreid kan recenseren, omdat het eerder ervaringen dan performances zijn. Toch was het aan de vele shirtjes overduidelijk waarom deze dag eveneens het bordje ‘uitverkocht’ mocht ophangen, Paul Kalkbrenner blijft dan ook een man die volk op de been brengt. Neon Shadow en Anfisa Letyago brachten degelijke sets, maar fungeerden duidelijk vooral als sfeervolle wachtmuziek voor de Duitse grootmeester. De Grote Kaai werd een kleine twee uur getransformeerd naar een Berlijnse nachtclub met een dj die moeiteloos het publiek mee wist te voeren in zijn droomwereld. Vanachter een verhoogde draaitafel die ook fungeerde als videoscherm, dompelde Kalkbrenner de massa mee in een muzikaal badje van opzwepende beats. Geen publieksmennen of trucjes, gewoon nonchalante blikken werpend in de camera, af en toe trekkend aan een sigaret, deed Kalkbrenner zijn ding. Meer moet dat soms niet zijn om een publiek in vervoering te brengen.2manyDJs deed als afsluiter wat het moest doen, nog even een stevig feestje vol herkenbaar lekkers in gang steken. Hun recept blijft dan ook simpel maar doeltreffend, en dat is herkenbare nummers waar ze aan gewerkt hebben, zoals "Mind Dimension" van Tiga, netjes haasje-over laten spelen met aparte keuzes zoals discoklassieker "You Make Me Feel" van Sylvester. Dat stond ook nu weer garant voor een negentig minuten dansen op herkenbare tunes, met als kleine extra dat tientallen festivalgangers via een actie van StuBru de kans hadden gekregen om een plekje op het hoofdpodium te winnen tijdens de set. Ook wij kregen een uitnodiging om mee te gaan dansen op het podium tijdens het optreden van de broertjes Dewaele en waanden ons zo even in een club waar we dansten alsof er geen 14.000 mensen naar ons stonden te kijken. Het was het gedroomde einde van een dromerige festivalavond.
Foto's dag 7 tot dag 10
Foto's door Tom Depoorter